27.9.08

Dagboek

Vorige dinsdag gaf ik aan mijn groep volwassen leerlingen huiswerk mee. Omdat ze volop de verleden tijd aan het oefenen zijn (wat heb je gisteren gedaan?), kregen ze als opdracht deze week een dagboek bij te houden en dat de week nadien in te dienen. Ook voor mezelf leek het me geen slecht idee. Op die manier kan ik de blog misschien wat nieuw leven inblazen. En dus is dit mijn dagboek van de afgelopen week.

Woensdag 17 september

Omdat ik op woensdag bijna altijd vrij heb en bovendien het appartement voor mij alleen heb, is het dé dag bij uitstek om huisman te spelen. Na mijn gebruikelijke ochtendritueel (koffie drinken, het nieuws checken in België en Argentinië en mij klaarmaken) begin ik aan mijn dagtaak. Eerst ga ik met een lading vuile kleren naar de wasserij, waar de dames mij steeds hartelijk begroeten. Ze kennen mij al goed. Het is zowat de tiende wasserij waar ik naartoe ga sinds ik hier woon, want er was altijd wel iets mis met de vorige: de kleren lijken nauwelijks gewassen te zijn, de wasserij wordt plots een supermarkt of je ondergoed wordt gestolen. In Argentinië is alles mogelijk. Maar een aantal maanden geleden vond ik dan toch dé perfecte wasserij: alles is altijd proper, ze zijn heel vriendelijk en er is nog nooit iets gestolen. Ik laat de lading kleren achter en mag ze de volgende dag komen ophalen. Dan zet ik mijn wandeling op deze mooie lentedag verder. Bestemming 2: de Carrefour. Terwijl we in Europa waren hebben ze om de hoek een nieuwe Carrefour geopend en ik kan mijn geluk niet op. Eindelijk een deftige supermarkt vlakbij. Voordien moest ik ofwel een heel stuk wandelen ofwel naar de buurtwinkel waar je nooit op voorhand weet of ze iets in huis hebben en aan welke prijs. De Carrefour is een droom: ze hebben alles, het is redelijk goedkoop en je moet er bijna nooit lang wachten. Vooral dat laatste is uniek in een land waar kassiersters normaal gezien hopeloos traag zijn: ze moeten om wisselgeld, ze slaan een praatje of ze gaan er plots vandoor. Van de Carrefour wandel ik terug naar huis met mijn nieuwe schoenen die ik de dag voordien heb gekocht. Het werd wel eens tijd, want mijn laatste paar schoenen dateert al van mijn verjaardag van vorig jaar en zowat alle schoenen die ik heb zijn inmiddels versleten.
Eens thuisgekomen zet ik mijn huisman-dag verder: kuisen dus. De keuken, de badkamer, het tapijt: alles krijgt een grondige poets- en stofzuigbeurt. En het enige dat nadien nog ontbreekt is koken. Zo'n twee weken geleden stond het empanada-deeg in reclame in de Carrefour: als je twee dozijn rondjes kocht, kreeg je een dozijn gratis. En dus kocht ik deeg om 36 empanada's te maken. Die dag maakte ik er 12 en de rest bewaarde ik. Maar omdat die rest inmiddels bijna vervallen was, moest ik vandaag wel de andere 24 maken. En dus heb ik de hele middag gekookt: eerst de vullingen maken (variant 1: vlees, variant 2: maïs) en dan de rondjes opvullen met de vulling, sluiten en de oven in. Het is redelijk veel werk, maar wel ontspannend, tenminste als je tijd hebt zoals ik vandaag. Rond half zeven komt Patricio thuis van het werk en is het tijd om mate te drinken: een vast ritueel om elkaar te vertellen over een dag waar eigenlijk weinig over te vertellen valt, hoewel ik erg veel woorden aan het gebruiken ben voor een dag waarop in feite niets interessants gebeurt. Maar het is dan ook niet alle dagen feest in Argentinië, ook al lijken sommigen dat te denken.
De woensdagen worden doorgaans afgesloten met een film: ofwel gedownload, ofwel een dvd (voor iets meer dan 1 euro koop je een dvd, zodat ik inmiddels al een uitgebreide, zij het niet geheel legale collectie heb, of cinema waar Patricio dankzij zijn abonnement op het tijdschrift Lugares 50 procent korting heeft). Vandaag was dat niet anders. Film en empanada's, meer moet dat niet zijn.

Donderdag 18 september

Op donderdag ga ik werken op de 'school'. Geen echte school, maar een stichting die Nederlandse lessen organiseert voor kinderen en daarvoor wat lokaaltjes huurt in een parochiecentrum in San Isidro, een beetje buiten de stad (halfuurtje pendelen). Ik begin de dag dus - na het gebuikelijke ochtendritueel uiteraard - met de voorbereiding van de les van vandaag. Na een snelle lunch en een telefoontje van mijn ma, neem ik bus 130 richting San Isidro. Mijn collega's zijn naar goede gewoonte al op post (ik kom altijd een half uur vóór de les aan, wat me ruim voldoende lijkt maar mijn Nederlandse collega's zijn er altijd eerder dan ik). Er zijn vier groepen leerlingen en elke klas heeft zijn eigen leerkracht. Ik heb groep C, met zeven kinderen van 7 en 8 jaar. En naast de vier leerkrachten is er nog de 'onderwijscoördinator', wat een mooie naam is voor een manusje-van-alles die zich dankzij zijn titel belangrijk mag voelen maar eigenlijk zo goed als overbodig is. Vandaag duiken 4 leerlingen op, wat een redelijk gemiddelde is. Ze zijn er zelden allemaal tegelijk, omdat ze natuurlijk al de hele dag op hun gewone school hebben gezeten en dus vaak te moe zijn om daarna ook nog naar de Nederlandse school te komen. Vandaag geen Max, geen Fabio en geen Carlota, maar zijn er wel: Ramiro (een Argentijns jongetje dat nauwelijks Nederlands praat hoewel hij een Nederlandse vader heeft), Wouter (de meest mondige en ook de leukste die perfect Nederlands praat maar altijd 'de' en 'het' door elkaar haalt), Olivier (een soort mini-genie die veel weet over elk thema dat je ter sprake brengt) en Anaimee (die perfect Nederlands én Fries praat). We doen wat individuele oefeningen rond woordenschat en dan lees ik de drie Nederlandstalige kinderen een verhaal voor, terwijl Ramiro apart wat oefeningen doet van een lager niveau. En daarna ontwerpen ze een kaft voor een zelf verzonnen boek: 'Superwolk' van Wouter (over een wolk met bijzondere krachten waarmee ze allerlei slechteriken kan verslaan), 'Het gevecht met de mieren' van Olivier (over twee mierenstammen die elkaars huis willen inpikken en dus ten oorlog trekken) en 'De slaapkamer van Anaimee' van - jawel - Anaimee (over haar eigen ervaringen over in bed plassen). Ramiro was intussen mee met de 'onderwijscoördinator' om met hem wat aparte oefeningen te doen.
Na de les wandel ik met mijn collega Sanja naar de bushalte en neem ik de 130 naar huis. Op de bus krijg ik telefoon van Olga. Ze heeft haar werkdag afgesloten en zegt dat ze langskomt om mate te drinken en daarna iets te gaan eten. Olga werkt om de hoek en komt dus regelmatig na het werk op bezoek. We komen zowat tegelijk aan en drinken mate. Daarna komen ook haar dochter Dani en haar vriend Cris aan en ten slotte arriveert ook Pato na een bezoekje aan de longspecialist (ondanks het stoppen met roken blijft hij sukkelen met zijn ademhaling). Dan gaan we samen naar La Guitarrita (Het Gitaartje) pizza eten tot een uur of elf wanneer iedereen naar huis gaat.

Vrijdag 19 september

Ik begin de dag met een verrassende mail: een uitnodiging voor een receptie in aanwezigheid van Prins Filip. Filip komt op bezoek in Argentinië en naar aanleiding daarvan wordt een receptie gegeven voor de weinige Belgen die hier wonen, op maandag 6 oktober in het poepsjieke Sheraton-hotel. Aanvankelijk schenk ik er weinig aandacht aan. Wat kan mij prins Filip schelen. Maar dan lijkt het me wel een leuk idee, vooral omwille van het vooruitzicht van gratis champagne en/of Belgisch bier. Als er een prins is, dan zal de receptie wel in orde zijn. Dus misschien dat ik er toch maar naartoe ga, als ik tenminste iemand vind die mij wil vergezellen.
Vandaag is het ochtendritueel wat minder uitgebreid dan anders. Sinds ik terug ben uit België, geef ik elke vrijdagmiddag Engels les aan de kleine Mica, het nichtje van Pato. En deze keer had Eli - haar moeder - me gevraagd om wat vroeger te komen en meteen een hapje mee te eten. En dus nam ik rond 11 uur bus 184 richting Villa Adelina, een rustige buitenwijk op zo'n 45 minuten van waar ik woon. Als ik aankom is Eli alleen thuis met de kleine Cata (3 jaar). Terwijl ik op Cata let, gaat Eli Mica (8) van school afhalen. Daarna eten we en begin ik met Mica aan de Engelse les. Na een maand of twee twee uurtjes in de week Engelse les, begint Mica het al een beetje onder de knie te krijgen. Vanaf volgend schooljaar (in maart) gaat Mica immers naar een nieuwe school waar Engelse les op het programma staat en ze heeft dus wat in te halen (nu zit ze op een school waar Duits op het programma staat, maar geen Engels). Ik moet haar dus klaarstomen en op het juiste niveau brengen. En dat lukt aardig.
Na de les en de gebruikelijke mate-klets met Eli (die mij heel graag wil begeleiden op de receptie ter ere van prins Filip), neem ik de bus naar huis. Vrijdagavond volgen Jime en Pato Franse les hier in de buurt, van half acht tot half elf. Als ze naar buiten komen, sta ik hen op te wachten en gaan we samen eten. Dat is nu al een paar weken een vast ritueel, altijd naar een ander restaurantje in de buurt. Jime blijft dan meteen logeren omdat het al laat is om de reis naar Boulogne te maken.

Zaterdag 20 september

In het weekend word ik doorgaans her en der uitgenodigd om te komen eten. Vaste waarden zijn de zaterdaglunch bij Oma Tango (die heerlijke pasta's kookt) en de zondagse barbecue bij Mariano. Maar deze week had iedereen wat anders te doen, zodat ik op mezelf was aangewezen.
Als Jime blijft logeren, dan blijft ze meestal tot een stuk in de middag hangen terwijl we samen brunchen. Dan gaat ze naar huis en deze week had Pato afgesproken met zijn Amerikaanse vriend Mike, zodat ik het grootste deel van de zaterdag rustig alleen thuis was om wat te lezen en te luieren.
Als Pato 's avonds laat thuiskomt, kijken we nog een Franse film. Want sinds hij Franse les volgt luistert hij naar de Franse radio via Internet, naar Franse muziek (hij is sinds kort fan van Françoise Hardy) en naar Franse films. Ik denk dat we intussen al alle films gezien hebben waar Daniel Auteuil ooit in heeft meegespeeld, en dat zijn er heel wat. Zaterdagavond was het de beurt aan de klassieker 'Les Bronzés font du ski'. In mijn herinneringen was dat een grappige film, maar uiteindelijk bleek het wat tegen te vallen.

Zondag 21 september

Omdat er ook op zondag geen uitnodiging uit de bus kwam vallen, kan ik Pato overtuigen om pasta te maken. In ruil doe ik de boodschappen in de Carrefour. Voor de rest was het een typische zondag vandaag. Hoewel het de eerste dag van de lente was, viel daar weinig van te merken. Het was grijs en fris, geen weer om naar buiten te gaan. En dus gaven we ons over aan de nieuwste hobby van Pato: naar Franse films kijken. Ik had 'L'Auberge Espagnole' en '8 Femmes' gedownload met Spaanse ondertitels, wat ons een hele zondagmiddag filmplezier gaf.
Zondagavond is één van de weinige momenten waarop ik tv kijk. Argentijnse televisie is doorgaans vreselijk saai, want als ze al eens een goed programma hebben dan wordt het hopeloos uitgemolken en wordt het elke dag uitgezonden tot de kijkers het spuugzat zijn. En ik ben rapper programma's beu dan de gemiddelde Argentijn. Sinds een paar weken zenden ze op zondag 'Talento Argentino' uit, een soort talentenjacht waar je mensen kan uitlachen die denken dat ze talent hebben. Al zitten er af en toe echte talenten tussen. Een dom, maar ontspannend programma. Ideaal voor een zondagavond en voorlopig nog niet beugekeken, al kan dat niet lang meer duren.

Maandag 22 september

Maandag is eigenlijk ook al geen bijzonder interessante dag en ik heb er al spijt van dat ik dit dagboek begonnen ben, maar gelukkig ontbreken er maar twee dagen meer. Op maandag heb ik meestal vrij en probeer ik alle lessen van de komende week voor te bereiden. Vooral de lessen van dinsdagavond op de Kamer van Koophandel vergen veel voorbereiding. De studenten zijn immers al gevorderd en er zitten er een paar tussen die er een punt van maken om altijd moeilijke vragen te stellen. Ik moet dus goed voorbereid naar de les gaan. Na een uitgebreide ochtend (mij op het gemak klaarmaken, boodschappen doen, nieuws lezen,...) zet ik mij dus aan tafel en bereid ik mijn lessen voor van de dag erna. Om dat goed te doen ben ik daar een paar uurtjes mee bezig en tegen dat ik klaar ben, komt Patricio al ongeveer thuis van zijn werk.
's Avonds maakt Patricio groentensoep. Omdat ik zowat het hele huishoudelijk werk op mij neem, laat ik het koken doorgaans aan hem over. Hij doet dat overigens ook veel beter en veel liever dan ik. Maar soep... dat is zijn sterkte niet. Misschien ben ik op het vlak van soep wat veeleisend na een heel leven van verwennerij op dat vlak, maar de soep van Pato heeft weinig smaak. Hij was zelf ook ontevreden over het resultaat. Ik kan het nog wat redden door de soep goed te kruiden, zodat ze uiteindelijk toch nog redelijk lekker smaakt, maar Pato wil er zelfs niet meer van eten. En dus bestellen we uiteindelijk empanada's en kijken we opnieuw naar een Franse film ('Les Poupées Russes'), terwijl ik de volgende dag soep voor mij alleen heb.

Dinsdag 23 september

Dinsdag is de dag waarop ik het meeste werk heb. Gelukkig begin ik pas in de namiddag, zodat ik voldoende tijd heb om te doen wat ik 's morgens altijd doe. Op dinsdagnamiddag komt Mauricio bij mij thuis les volgen. Mauricio is 16 jaar maar spreekt al meer talen dan ik. Waarom hij precies Nederlands wil leren is mij nog steeds niet duidelijk. Hij heeft een vaag plan om ergens in een verre toekomst naar Nederland te gaan, maar meer is het niet. Mijn andere leerlingen hebben een veel duidelijkere motivatie: de helft heeft een Nederlands lief en de andere helft heeft Nederlandse roots (niemand heeft een band met België). Maar Mauricio lijkt het te doen omwille van het plezier van het leren van een taal. En ik moet zeggen dat hij bijzonder snel leert. Nu ja, hij spreekt al Engels, Frans en Duits (naast Spaans, natuurlijk), dus hij heeft duidelijk een talenknobbel. Het tempo van de lessen ligt dan ook erg hoog.
's Avonds neem ik dan de metro naar het centrum van de stad om les te geven aan een groep van 7 volwassenen die allemaal een familiale of amoureuze band hebben met Nederland. Die lessen geef ik voor de Nederlandse Kamer van Koophandel, in het sjieke gebouw van Shell in hartje Buenos Aires. Alle 7 hebben al een paar niveaus achter de rug en praten dus al redelijk Nederlands. Dat is enerzijds leuk maar anderzijds ook lastiger. In de beginnerscursus (die ik in juli gaf) luisteren ze braafjes naar de leraar en zeggen ze je na. Maar met deze groep gaat het er een stuk pittiger aan toe.
Na de les neem ik de metro terug naar huis in het gezelschap van een aantal van mijn studenten, twee ervan wonen immers bij mij in de buurt. En ik kom na een lange dag eindelijk thuis in een leeg appartement, want Pato was die avond bij zijn broer en nichtjes gaan eten. Daarmee is de dagboekweek eindelijk voorbij!

3.8.08

Ja, ik weet het! Het is lang geleden dat ik nog iets op deze blog zette. Ik heb wel een aantal goede excuses (in juni was ik in België en in juli had ik veel werk... echt waar!), maar een blog heeft natuurlijk geen nut als je er nooit iets opzet. En dus begin ik er weer aan, met het voornemen om regelmatiger te schrijven over wat allicht mijn laatste jaar in Buenos Aires wordt.

Waar waren we gebleven? O ja, in juni was ik in België... en Duitsland, Frankrijk en Italië. Niet alleen, maar samen met mijn twee Argentijnse gezellen, Pato en Jime. De meeste lezers weten inmiddels dat het heel leuk was, omdat we elkaar ter plekke en in levende lijve hebben gezien. Helaas is het mij niet gelukt om iedereen te zien. Tijd te kort, te veel uitstapjes en etentjes en voor je het weet sta je terug in Argentinië met een schuldgevoel omdat je een aantal mensen helemaal niet hebt gezien en anderen slechts eventjes.

De weinige trouwe lezers van deze blog weten inmiddels wel wat ik in Europa heb gedaan of hebben het van iemand anders gehoord: de reis met Jime naar Rome, met zijn vijven (met mijn ouders erbij) naar Parijs, het Zevensprongfeest van Oscar, de verjaardag van Malou, de etentjes bij mijn ouders, bij mijn tante, bij Jacqueline... De hoogtepunten zijn niet te tellen en nodigen uit tot meer. Een mens vergeet soms hoe goed frieten met stoverij kan smaken, hoe goedkoop en lekker een Belgische pint is, hoe comfortabel een bus of een tram daar is, hoe kinderen groeien en veranderen op één jaar tijd, en hoe sommige dingen (zoals de gezellige chaos bij Mieke thuis) gelukkig nooit veranderen. Het mag duidelijk zijn dat we jullie allemaal zeer dankbaar zijn voor de goede zorgen, voor de gastvrijheid, voor het plezier, voor het vervoer, voor het eten, voor het feit dat er hier twee Argentijnen rondlopen die dolverliefd zijn op België.

Met ons drieën samen hebben we zowat tweeduizend foto's van de hele ervaring en uiteraard is dat een beetje te veel om allemaal op het Internet te zetten. Een selectie van mijn foto's vind je hier.

Tot binnenkort!

9.5.08

El Beso

Tijdens een alweer uitgebreide maaltijd stelde Pato me de volgende vraag: “Moet ik je tante kussen als ik haar ontmoet?”. Het lijkt een idiote vraag, maar gezien de verschillen in kusgewoonten tussen België en Argentinië kan je maar beter het zekere voor het onzekere kiezen en je vooraf goed informeren.

Argentijnen zijn onverbiddelijke zoeners. Iedereen zoent iedereen, zowel bij het begroeten als bij het afscheid. Meer dan eens hebben we al de laatste bus gemist omdat het afscheidnemen met al dat gekus soms hopeloos uit de hand loopt. Wanneer de familie Perez eens bij elkaar komt ben je ongeveer een kwart van je tijd kwijt aan het kussen – bij het begin en aan het einde – van iedereen. Gelukkig volstaat één kus. Anders werd het helemaal te gek.

Voor mij – een niet-kusser – was dat even wennen. De eerste keer dat ik bijvoorbeeld Miguel ontmoette, de vader van een vriendin van Pato, gaf ik die mens een hartelijke handdruk, wat geïnterpreteerd werd als een regelrecht affront. Gelukkig konden we nog net een diplomatiek incident vermijden door uit te leggen dat er in België niet zo veralgemeend wordt gekust. Sindsdien overkomt het mij niet meer en wordt iedere min of meer bekende (of gezel van min of meer bekende) gekust. Tot de verwarring recent opnieuw de kop opstak met de komst van een mannelijke collega op de Nederlandse school. Het kusprobleem had zich op school voordien niet gesteld. Met enkel vrouwelijke collega’s die bovendien de Argentijnse gebruiken gewoon zijn, was er geen twijfel mogelijk en werd er steeds netjes gekust. Niet alleen de collega’s, maar ook het bestuur en zelfs enkele moeders krijgen steevast een pakkerd. Maar met August, net aangekomen uit Nederland, wist ik niet goed wat gedaan. Die is dat vast niet gewoon, dacht ik, zodat ik voor het eerst in lange tijd weer eens een handdruk bovenhaalde. Intussen heeft August vast wel de Argentijnse gewoonte overgenomen (dat is redelijk onvermijdelijk), maar na al die weken plots van een handdruk tot kussen overgaan, is ook wat vreemd.

En nu worden zeer binnenkort de rollen omgedraaid en komt kusser Pato terecht in een minder kusvriendelijke omgeving. En dus moet ik uitleggen wie hij kan kussen en wie niet. Maar dat is niet altijd evident. Mijn tante kan hij bijvoorbeeld gerust een zoen geven. Zij zal dat niet als onbeleefd zien. Maar anders is het misschien met mannen van de generatie voor ons. Rijpere mannen – ik zal ze maar zo noemen – kussen elkaar gewoonlijk niet in België. Maar na anderhalf jaar Argentijnse kustraditie zal het voor mij ook weer even wennen worden. Maar goed, ik wou eigenlijk iedereen alleen maar even waarschuwen: Argentijnen kussen!

25.4.08

26 años

Na een lange stilte, ben ik er weer!

Er is inmiddels weinig bijzonders gebeurd, maar woensdag was het de verjaardag van Pato en naar aanleiding daarvan hebben we thuis een feest gegeven voor zo'n 25 personen (we dachten niet dat iedereen ging binnen kunnen, maar dat viel goed mee) met veel eten en drinken, estilo argentino. Zelf heb ik meer dan 80 empanadas zitten maken en met het dozijn pizza's dat Pato maakte, bleken we veel te veel te hebben. We zijn er nu nog van aan het eten. En - noodgedwongen - nodigen we vandaag vrijdag weer een hoop mensen uit om al het eten op te krijgen. Anders zouden we het moeten wegsmijten en dat zou toch zonde zijn.

Veel foto's getrokken natuurlijk. En die vind je
hier.

11.2.08

Mar del Plata

Van het ene uiterste naar het andere. Na tien dagen in de bergen, met veel over en weer reizen, met avonturen en prachtige landschappen en doodop terug thuiskomen, was het tijd voor tien dagen vakantie van een andere soort: zee, strand, slapen, lezen, gezelligheid en - het is en blijft tenslotte Argentinië - een groot feest.
Een groot deel van de familie Perez zakte af naar Mar del Plata voor een bijzondere gelegenheid: Micaela en Guadalupe, de twee halfzussen van Pato, werden 15 jaar en dat is hier een feest van gigantische proporties, vergelijkbaar met een trouwfeest. Voor wie de familiehistorie niet kent, of vergeten is, een korte samenvatting: moeder Olga en vader Osvaldo zijn al zo'n 20 jaar uit elkaar, Osvaldo stichtte nadien een nieuw gezin met zijn tweede vrouw Marcela met wie hij een tweeling kreeg en zo'n 10 jaar geleden naar Mar del Plata verhuisde. De relatie tussen Osvaldo en de kinderen uit zijn eerste huwelijk is verre van goed. Uit de vele verhalen van Olga en haar kinderen blijkt dat Osvaldo niet echt de ideale vader noch echtgenoot is geweest en zijn tweede vrouw Marcela is zo'n beetje het prototype van de boze stiefmoeder, die niemand in de familie Perez kan uitstaan. Maar omwille van de verjaardag van de tweelingzusjes was er toch een grote delegatie uit Buenos Aires gekomen voor het grote feest: Oma Tango, nonkel Juanjo met zijn vrouw Stella en twee van zijn dochters, Mariano met vrouw en kinderen, Dani met haar vriend Cris, en Pato. Voor mij een ideale gelegenheid om Mar del Plata beter te leren kennen, eens een 'fiesta de quince' (feest van 15) mee te maken, en wat extra vakantie te nemen.

Het verjaardagsfeest had inderdaad alles van een trouwfeest: de intrede van de jarigen, de openingsdans, het vele eten (ik heb nog een week lang overschotjes gegeten van het feest), het aansnijden van de taart, de gekke hoedjes, de toespraken,... Het leek allemaal heel erg op het trouwfeest dat ik vorig jaar al mocht meemaken.

De dag na het feest keerde zowat iedereen terug naar Buenos Aires om er te werken. Maar omdat de meesten het weekend daarna terugkwamen (zowel nonkel Juanjo als Mariano hadden immers een huis gehuurd in Mar del Plata om er hun vakantie door te brengen), bleef ik er de hele week logeren bij de pa van Pato. Om mij gezelschap te houden kwam Jime, de beste vriendin van Pato, vanuit Buenos Aires om zelf ook wat vakantie te nemen. Met ons tweeën logeerden we er dus, maar veel tijd brachten we niet door in het huis van de pa. De vele verhalen over boze stiefmoeder Marcela bleken immers niet gelogen. Het is inderdaad een vreselijk mens dat de hele tijd loopt te klagen en kwaad spreekt over iedereen met wie ze een poos tevoren nog vrolijk zat te babbelen. Jime en ik gingen dus veel naar het strand of naar het centrum van de stad, met ons tweeën of met de tweeling die - gelukkig - weinig van hun moeder hebben.

Na vijf dagen keerde Mariano terug naar Buenos Aires om zijn intrek te nemen in zijn gehuurde vakantiehuisje en konden Jime en ik verhuizen naar een veel plezantere omgeving. Dat weekend kwamen ook Pato en Rafa, een Braziliaanse vriend die in Buenos Aires woont, af. Geen Marcela meer en we brachten het weekend dan ook vrij huiselijk door met Mariano en zijn gezin: naar het strand, kaart spelen, dutjes doen en uiteraard veel en veel eten. Helaas zat het er na een paar dagen weer op. Pato, Jime en Rafa moesten weer aan de slag in Buenos Aires en ik was na 10 dagen intussen helemaal uitgerust van de vorige reis.

Zoals steeds zijn er een heleboel foto's genomen en een selectie daarvan kan je hier zien.

22.1.08

Vacaciones

Met een laatste lange busreis van 27 uren kwam ik vorige donderdag thuis van een 11-daagse rondreis in Noordwest-Argentinië, de Andesstreek in het grensgebied met Chili en Bolivia en in vele opzichten de 'oudste' streek in Argentinië. Het is daar dat je nog het meest geconfronteerd wordt met wat overgebleven is van inheemse bevolking, hun cultuur en hun tradities. Op cultureel vlak is het dan ook, samen met de grootstad Buenos Aires, het interessantste stuk van Argentinië. Op het gebied van natuur en geografie is het er zeer kleurrijk, gevarieerd, hoog, droog en warm.

Mijn reis begon met een eerste busreis van 15 uren naar het beginpunt van mijn reis, San Miguel de Tucumán, hoofdstad van de kleinste provincie van Argentinië en de stad waar in 1816 de onafhankelijkheid van het land werd uitgeroepen. Historisch een belangrijke plaats dus en dat is er ook aan te zien. Tucumán heeft een zekere grandeur en belangrijke gebouwen als de kathedraal en het paleis van de gouverneur zijn er groter en indrukwekkender dan in de meeste andere provinciehoofdsteden. Het huis waar bijna 200 jaar geleden de onafhankelijkheid werd uitgeroepen staat er nog steeds en elke avond kan je er terecht voor een oersaai klank- en lichtspel waarin het historische feit nog eens dunnetjes wordt overgedaan. Het komt erop neer dat er af en toe lichtjes beginnen te branden en je stemmen hoort die uit die lampen lijken te komen. Op een overdreven dramatische en nationalistische manier (en met vrij amateuristische geluidseffecten) proberen die stemmen de momenten van toen te doen herleven. Op mij had het weinig effect, het klonk me meer als een soap dan als iets dat een werkelijke historische waarde heeft. Zouden die mensen in 1816 werkelijk praten als personages uit 'The Bold and the Beautiful'? Het was vrij lachwekkend, maar dat vonden de andere bezoekers, bijna allemaal Argentijnen, geenszins. De nationalistische gevoelens van een Argentijn zijn gemakkelijk aan te wakkeren: een lamp roept 'Viva la Patria' en meteen zie je het vuur in de ogen van je buur. Als op het einde van het klank- en lichtspel als 'moment suprême' het nationale volkslied weerklinkt, zingen ze dan ook allemaal mee. Ik ken niet eens de woorden van mijn eigen volkslied dus ik sta er wat ongemakkelijk bij als enige die de lippen stijf op elkaar houdt. En eerlijk gezegd, zelfs al zou ik het kennen... ik ben niet zo'n volksliedzanger.
Het oorspronkelijke plan was om twee dagen in Tucumán te blijven, maar de hitte is er zo ondraaglijk drukkend dat ik al na één dag de bergen in vlucht, waar het op zijn minst 's nachts lekker afkoelt. Mijn eerste berghalte is Tafí del Valle, op zo'n drie uren reizen van de stad. Tafí ligt nog binnen dezelfde provincie die niet toevallig de bijnaam 'de tuin van Argentinië' heeft. Het is er erg groen. Hoe noordelijker je gaat, hoe droger het wordt, maar in de provincie Tucumán is het klimaat bijzonder gunstig voor fauna en flora. Tafí ligt op zo'n 2000 meter hoogte in een prachtig groene vallei met een riviertje, een meer in de buurt en omringd door groene bergtoppen. Ideaal voor mooie, lange wandelingen in een omgeving die de tegenpool is van de metropool waar ik woon. Ook al wordt het dorpje in de zomer overspoeld door toeristen (en de meest luidruchtigen zijn altijd de porteños, inwoners van Buenos Aires), er rondom is het heerlijk stil en rustig. Ik blijf er dan ook twee nachten om Buenos Aires helemaal van mij af te schudden en trek dan verder noordwaarts.
Een paar uren verder ligt Cafayate, een ander typisch valleidorp in het Noordwesten van Argentinië. Cafayate ligt al in de provincie Salta en is een belangrijk wijncentrum. Na Mendoza, waar ik vorig jaar was, is Cafayate de belangrijkste wijnstreek van het land. Het kleine dorp ligt dan ook te midden van de wijngaarden die je natuurlijk (bijna) allemaal kan bezoeken. Omdat ik alleen reis doe ik dat niet, want het leukste van zo'n bodegabezoek is de degustatie en dat doe je beter in goed gezelschap dan alleen. Cafayate is ook het begin van een natuurgebied dat bekendstaat als de Quebrada (kloof) de Cafayate, een berggebied waarin een riviertje er op enkele miljoenen jaren tijd in slaagde een geweldige kloof te slaan. Hier beginnen de typische kleuren van de streek, het rood, oranje, geel, groen, blauw van de bergen en de rotsen. Een kleurenspektakel dat honderden kilometers blijft duren. Tijdens de volgende etappe, van Cafayate naar provinciehoofdstad Salta, rijdt de bus de hele Quebrada door, zodat je alles goed kan zien en kan vastleggen op foto.
In Salta neem ik een pauze van twee dagen. Vakantie binnen de vakantie, zeg maar. Busreizen, het slapen in slaapzalen van jeugdherbergen met een handvol vreemden en de vele, lange wandelingen hebben me inmiddels redelijk uitgeput en het mooie en rustige Salta is een ideale plek om de batterijen op te laden. Salta is een stad en daar had ik inmiddels weer even behoefte aan. Lekker rondwandelen op geasfalteerde straten (in plaats van zandwegen), eens naar de cinema gaan (in plaats van naar een optreden van een plaatselijke folklorezangeres), je mail eens kunnen checken, een krant kopen,... Alle dingen die ik de laatste dagen niet of nauwelijks kon doen, kan ik hier wel doen. Vier dagen in de natuur en ik begin al lichtjes zot te worden. Salta komt dus als geroepen.
Na twee dagen 'beschaafde' wereld trek ik verder. Ik heb namelijk een belangrijke taak te vervullen. Ik moet weer eens het land uit. Om de drie maanden moet ik Argentinië verlaten, ook al is het voor vijf minuten, zodat ik daarna weer ongestoord - en legaal - mijn leven hier kan verderzetten. Het is een goed excuus om eens wat te reizen, maar het begint wat vervelend te worden, zodat ik beslist heb om (eindelijk!) een verblijfsvergunning aan te vragen, zodat ik kan komen en gaan wanneer ik dat zelf wil. Deze keer koos ik ervoor om in het Noordwesten de grens over te steken, wat mij voor de eerste keer in mijn leven in Bolivia doet belanden. Ik ben welgeteld twee uren in Bolivia geweest, dus veel kan ik er niet over zeggen. Villazón is een typisch grensstadje, een beetje verloederd, op zich weinig interessant maar vol van de goedkope winkeltjes. Wie denkt dat Argentinië goedkoop is, moet maar eens naar Bolivia gaan. Voor zo'n 6 euro kocht ik er voor Pato een dikke trui in echte lama-wol.
Als ik terug wil keren naar Argentinië heb ik miserie. Volgens de Boliviaanse wet kan je immers niet op dezelfde dag het land binnenkomen en verlaten. Dat wist ik niet en ik had al mijn spullen nog in Argentinië, aangezien ik nog diezelfde dag naar mijn volgende bestemming wou gaan en ik niet de hele dag met de rugzak wou rondlopen. Met andere woorden, ik moet terug. De flik van dienst weigert mijn paspoort af te stempelen, maar de grensovergang tussen Argentinië en Bolivia is zo chaotisch dat ik me van de domme gebaar en toch maar de grens oversteek. Niemand heeft in de gaten die ik illegaal het land verlaat en als ik over de brug terug in Argentinië aankom, krijg ik zonder moeite een stempel waarmee ik opnieuw voor drie maanden op mijn gemak ben. Taak volbracht.
Daarna keer ik terug zuidwaarts, met nog een paar plekjes op het reisschema alvorens naar huis terug te keren. Ik kies Humahuaca als volgende halte, een klein pittoresk dorpje in de meest noordelijke provincie van het land, Jujuy. Humahuaca is mooi op zich, maar het is vooral de ideale uitvalsbasis om een andere plek te bezoeken. Die andere plek heet Iruya, een dorpje in het middenin van het hooggebergte dat moeilijk toegankelijk is maar prachtig schijnt te zijn. Iedereen die ik mijn reis tegenkom, collega-backpackers, raadt mij aan om naar Iruya te gaan en het lijkt me een mooie plek om de reis af te sluiten.
De busrit van Humahuaca naar Iruya is al de moeite waard op zich. Drie uren op een zandweg doorheen het hooggebergte is niet comfortabel reizen, maar je kijkt wel je ogen uit. De bus klimt eerst tot 4000 meter hoogte wat een hele ervaring is. Nog nooit eerder bevond ik mij zo hoog boven de zeespiegel en erg gezond is het niet. De hoogte geeft je een barstende koppijn en elke inspanning die je doet put je helemaal uit wegens gebrek aan zuurstof. Daarom kauwt iedereen hier cocabladeren. Maar het is maar voor een paar uurtjes, die ik besluit het tochtje te ondernemen zonder enige hulpmiddelen. En ondanks de ongemakken van de grote hoogte is het meer dan de moeite waard. Als de bus begint af te dalen verwacht je op een bepaald moment niet dat je nog een levende ziel tegenkomt. Zo diep in de bergen ben je inmiddels aanbeland. Tot daar ineens een dorpje verschijnt: Iruya. Het is klein, maar inderdaad heel bijzonder. De omgeving is er indrukwekkend en het is een ideale plek om een mooie reis af te sluiten. Ik blijf er maar een paar uren, want langer hou je het niet vol op die hoogte, tenzij je pillen begint te slikken. Diezelfde dag keer ik terug naar Humahuaca en later - middenin de nacht - neem ik de bus naar Buenos Aires waar ik dus zoals gezegd 27 uren later, doodop, aankom.
Foto's van dit alles kan je zien op de vertrouwde site.

2.1.08

Las Fiestas

Het zit er weer op voor een jaartje, nog maar eens kerstdag en nieuwjaar overleefd. Nauwelijks, moet ik daaraan toevoegen. Want met temperaturen tot bijna 40 graden zit er tegenwoordig niet veel leven in mij noch in de meeste Argentijnen. Maar ongeacht het weer, moet en zal er gefeest worden. Een Argentijn valt nog liever dood dan een vreetfestijn te missen.
Kerstdag werd gevierd ten huize van Mariano, in beperkte kring naar de normen van de familie Perez. Moeder Olga was er uiteraard met haar drie kinderen, het gezin van Mariano en een nonkel van Eli met zijn vrouw en drie kinderen. In totaal waren me dus met 15, wat hier gezien wordt als een kleinschalige gebeurtenis. Eten was er uiteraard voor minstens 50 personen, want minder wordt hier als een schande ervaren. De hele avond wordt er eten aangevoerd, salades, koude en warme hapjes en natuurlijk een hoop vlees. Het ene hapje is nog niet op of daar komt het andere al aan en je wil natuurlijk alles eens proeven, dus vraag je van alles 'een beetje'. Maar doordat ze hier een andere kijk hebben op porties heb je - voor je er erg in hebt - je eigen lichaamsgewicht in vlees gegeten.
Enkel als de Kerstman arriveert, klokslag middernacht en beladen met tientallen cadeautjes, wordt er even niet gegeten. De versiering van de kerstman was overigens maar pover dit jaar, want zelfs de allerkleinsten hadden meteen in de gaten dat de kerstman verdacht veel leek op Mariano die vijf minuten voordien discreet in de coulissen was gedoken. Dan worden de cadeau's in ijltempo uitgepakt. Mijn oogst voor dit jaar: drie t-shirts, een bermuda, een boek en een windorgel.
En dan, net als je eten een beetje begint te zakken, komen de desserten eraan en bereikt een Argentijns feest zijn eindbestemming: gastritis.
Nauwelijks een paar dagen heb je om te bekomen en de hele tijd weet je dat er nog zo eentje aankomt, en nog veel erger: het oudejaarsavondfeest. Doordat de familie Perez nieuwjaar deze keer in verspreide slagorde vierde (Olga bij haar broers, Mariano bij zijn schoonfamilie, de pa in Mar del Plata, een andere tante is depressief en wil niemand zien,...), gingen zus Dani, Pato en ik in op de uitnodiging van Jime om oudejaarsavond bij haar thuis te vieren, samen met een stuk van haar familie. Hetzelfde verhaal: 15 mensen maar eten voor een veelvoud van dat getal. En maar boefen tot je slecht bent.
Om 12 uur komt niet de kerstman maar gaat wel overal vuurwerk af. Laat ons stellen dat één gezin op twee zijn eigen vuurwerkfestival organiseert, zodat we ons ogen uitkeken naar de chaos van vuurwerk overal rond ons heen, terwijl alle honden in de buurt gek worden. Het duurt zo'n halfuurtje en dan is iedereen door zijn voorraad heen. En intussen heb je nooit in je leven zoveel vuurwerk bijeen gezien. Alles door elkaar.
En een beetje later stroomt het volk toe: vrienden, buren, de dames van het kerkkoor,... Iedereen zingt, iedereen danst, iedereen drinkt en blijft maar eten. Dagenlang, want ondanks al dat vreten blijft er nog een berg voedsel over. Enfin, u moet maar eens naar de foto's kijken en dan wordt veel duidelijk.
En nu... lijnen!

4.12.07

Sinterklaas en The Police

Hoog bezoek op zaterdag in Buenos Aires. ’s Morgens was het de beurt aan Sinterklaas. De goed heilig man kwam even overgevolgen uit Europa om de Nederlandse kinderen toe te spreken en wat cadeaus af te geven. De school zorgde voor de animatie en dus was ik al wekenlang bezig met Sinterklaasliedjes aan te leren aan mijn kinderen. Met groot succes, want mijn leerling Olivier (6 jaar oud) werd de ster van het feest met zijn solo van ‘Zie ginds komt de stoomboot’ (zie video).





Verder op de foto’s: een aantal van mijn collega’s met ‘Pietenmutsen’; leerlingen en ouders van de school; mijn leerlingen Wouter en Anaimee; en natuurlijk de Sint zelf die, zoals het past, te paard aankwam.





’s Avonds was het heel andere kost: The Police. Al van vrij vroeg waren we aanwezig in het stadion van River Plate, hier vlakbij in de buurt, om eerst Beck en daarna twee uren lang van The Police te kunnen genieten. Het was echt de moeite en de Argentijnen gingen, naar goede gewoonte, helemaal uit de bol. Op de foto’s: Eli, Mariano en Patricio; het stadion bij het vallen van de avond toen het nog maar half vol was; in de wazige verte: The Police.



7.11.07

Noticias

Hoog tijd voor wat nieuws uit Argentinië. Ik heb het (weinig spectaculaire nieuws) van de afgelopen weken gebundeld in een aantal rubriekjes.

Fiestas

In Argentinië is het bijna altijd feesten geblazen. Sinds mijn laatste post waren er drie: moederdag, mijn verjaardag en de verjaardag van zus Dani. Eén ding hadden deze feesten alvast gemeen: je eet tot je er bijna bij neervalt. Wie al op bezoek geweest is, kan het getuigen: een Argentijnse tafel verlaat je nooit met honger.
Voor moederdag gingen we naar La Rinconada (ook bekend als: bij Walter) met moeder Olga en haar drie kinderen. Voor 30 pesos (7 euro) kon je daar barbecuen à volonté. Een mooie dag om buiten, op het terras, urenlang te zitten eten en drinken.
Mijn verjaardag werd bescheiden gevierd bij broer Mariano thuis met… jawel… een grote barbecue. Ik wou niet te veel volk, want ik verjaar nu eenmaal niet graag, dus alleen de directe familie was er, samen met mijn beste vrienden hier in Argentinië: Rafa, Leo, Jimena en Carla. Bij deze wil ik ook iedereen in België nog eens bedanken voor de verjaardagswensen!
En drie dagen later was het de beurt aan zus Dani om te verjaren. En dus kwam iedereen weer samen, bij Olga thuis, voor een… uiteraard… een barbecue. Zus Dani verlaat over een paar weken trouwens het ouderlijke huis, zodat Olga alleen achterblijft.
Voor een paar foto’s van deze feesten, klik hier.

Indymedia

De dag van mijn verjaardag waren er presidents- en parlementsverkiezingen in Argentinië. Allicht is dat ook in België in het nieuws geweest. Naar aanleiding daarvan heb ik een reeks artikels geschreven voor Indymedia en ze hebben mij ook gevraagd om een blog te beginnen op hun site. Ik doe mezelf wat aan met twee blogs, maar ze vroegen het zo vriendelijk en het is natuurlijk vleiend. En dus heb ik sinds een week een tweede blog voor het meer serieuze werk. Om de blog en mijn artikels te lezen, klik hier.

Zoologico

Vorige zaterdag ben ik voor het eerst naar de Zoologico van Buenos Aires geweest. Nichtje Mica wou dolgraag eens op stap met mij en Pato, want ze vindt het altijd zo leuk bij ons. En dus kwam ze zaterdag af en namen we haar mee naar de zoo. Ik vind dierentuinen altijd een triestige bedoening en in Buenos Aires is dat niet anders. Heel gelukkig zien de beesten er niet uit. Oordeel zelf en bekijk de foto’s hier.

17.10.07

Un año en Argentina

Morgen woon ik precies één jaar in Argentinië. Naar aanleiding daarvan heb ik een videootje gemaakt met een overzicht van het afgelopen jaar. Wie zin, bandbreedte en geduld heeft, kan het filmpje bovendien hier downloaden en nog eens bekijken in betere kwaliteit.


16.10.07

Las Elecciones

Tja, ik blijf het maar over verkiezingen hebben, omdat het nu eenmaal niet ophoudt hier. Volgende week zijn het echter de belangrijkste verkiezingen van het jaar: die voor president en parlement. Ik zal mijn blog niet ontsieren met saaie artikels over de politiek in Argentinië want daar dient immers Indymedia voor. Sinds vandaag op de voorpagina en in een speciaal rubriekje: alle artikels die ik over de verkiezingen van volgende week heb geschreven en er volgen er uiteraard nog. Wie dus op de hoogte wil blijven van de verkiezingen kan de komende weken op Indymedia terecht.

12.10.07

La Visita

Het zit er weer op voor een tijdje, het bezoek uit België. Woensdag vertrokken Jacqueline en ma en sinds vandaag is ook Inke, een vriendin van Ilse, de deur uit. En allemaal zijn ze vertrokken met gemengde gevoelens: tevreden over de reis, enthousiast over land, stad en inwoners, met goed gevulde magen, maar triest omdat ze hier alle drie iets hebben achtergelaten dat ze liever hadden meegenomen.
Tijdens het tweede deel van hun reis hebben Jacqueline en ma geen publieke optredens meer gegeven, wat natuurlijk niet betekent dat er geen genante situaties meer waren. Ze zullen zelf wel vertellen hoe ik ze beiden bijna kwijtraakte in het station van Retiro, hoe Jacqueline met haar croq'jes slechts moeizaam de beregende straten van Buenos Aires kon overleven en over hoe vlot het ging met het Spaans met al die verschillende versies van La Farola, Avenida Cabildo, papelito of buen provecho. En er waren natuurlijk ook nog de feestjes, met een tweede familiebarbecue en een etentje thuis met échte Belgische frietjes. Wel, min of meer, want de patatten zijn hier natuurlijk niet hetzelfde.
Jacqueline en ma hebben natuurlijk samen honderden foto's genomen van hun reis, van Buenos Aires, van Iguazu, van Uruguay, van watervallen en plantjes, van gebouwen en parken, van het verkeer en van de vele mensen die ze hier hebben ontmoet. Ik had zelf ook af en toe mijn camera bij toen ik met hen op stap ging en het resultaat daarvan zie je hier.

1.10.07

La Cometita oftewel ’t Vliegerke

Zoals de meesten onder jullie wel weten is mij ma sinds een week op bezoek in Argentinië, samen met haar vriendin Jacqueline. Ik neem ze mee naar alle leuke plekjes van de stad: een geleid bezoek aan het kerkhof van Recoleta, een wandeling door het natuurreservaat in de stad, urenlang rondslenteren op de vlooienmarkt in San Telmo, de familiale restaurantjes bij mij in de buurt… En met zijn tweeën zijn ze inmiddels ook al de watervallen van Iguazu gaan bezoeken en vertrekken ze binnenkort voor een trip naar Uruguay. Ze eten goed, maar kunnen de gigantische Argentijnse porties maar niet gewoon worden. Er wordt ook goed gedronken en vooral Jacqueline heeft al een warme band opgebouwd met het plaatselijke bier. Doordat alle talen door elkaar gesproken worden, worden obers en taxichauffeurs al eens in het Gents aangesproken, maar erg lijken ze dat niet te vinden. Er wordt wat afgelachen en ofwel zijn ze allebei goede actrices ofwel vinden ze Buenos Aires echt wel een fantastische stad. Ik gok op het laatste. Met andere woorden, de dames hebben het hier best naar hun zin.

Op mijn weblog hadden de beide dames al gelezen, gezien en gehoord dat hier af en toe ook flink wordt gefeest met de familie Perez. Een verjaardagje hier, een huwelijk ginder, kerstdag, nieuwjaar of gelijk welk excuus om de barbecue aan te steken, een koe op het vuur te gooien en te eten en drinken tot je er bijna bij neer valt. En dus kon de reis niet compleet zijn zonder een authentiek familiefeestje. Gisterenavond nam ik ze dan ook mee naar het huis van nonkel Juanjo en tante Stella voor een tuinfeest met een deel van de familie Perez en een aantal vrienden. Voor de trouwe lezers van mijn weblog: de tangozingende oma was er (en zong speciaal voor de Belgische gasten een tangootje of drie), net als de inmiddels alsnog afgestuurde Jimena of de kleine, schattige Catalina. En natuurlijk ook moeder Olga die in de wolken was met haar cadeau’s: een mooie sjaal en een fles jenever. In totaal waren we met zo’n 25 en uiteraard was er eten en drank voor zo’n 50 personen. Een Argentijnse tafel zal je nooit met honger of dorst verlaten. Het weer was schitterend en de sfeer zat er algauw goed in.

Eén hoogtepunt van de avond heb ik met mijn camera kunnen vastleggen, voor de eeuwigheid en voor mijn weblog. Nadat oma Nelida al een paar tango’s had gezongen voor de Belgen, werd uiteraard de vraag gesteld of de Belgen ook iets konden zingen voor de Argentijnse gastheren. Dat moet je aan ma en Jacqueline geen twee keer vragen en met groot genoegen presenteer ik dan ook een kort filmpje van twee rijpere dames die op een tuinfeest in Argentinië in hun beste Gents een stukje van ’t Vliegerke zingen. Dat hadden ze hier nog nooit gehoord…


30.8.07

El Argentino más grande

Sinds maandag gaat de Argentijn op zoek iets wat wij Belgen al gevonden hebben: de allergrootste landgenoot. Nadat zowat elk Europees land eerder al te weten kwam wie de allergrootste was in de vaderlandse geschiedenis, is het concept nu ook hier doorgedrongen. En dus buigt het hele land zich via de televisie over de vraag: wie is de grootste Argentijn? Al enige weken konden mensen kiezen uit een lange lijst van personaliteiten en konden ze ook zelf namen suggereren. Vanaf nu gaat het echter tussen tien kandidaten die het in de komende weken postuum (slechts één ervan leeft nog… een beetje) tegen elkaar moeten opnemen. Ik presenteer ze u graag in een zelfgekozen volgorde. Dan weet u ook meteen wie volgens mij de grootste Argentijn is.

10. Alberto Olmedo. Die zet ik op de laatste plaats omdat hij mij het minst bekend is. Hij was een groot televisiekomiek, maar viel zo’n twintig jaar geleden op vrij mysterieuze wijze uit een raam zodat ik hem enkel op oude archiefbeelden aan het werk zag. Een beetje de Argentijnse Gaston Berghmans, zeg maar. Blijkbaar is Olmedo nog steeds enorm populair bij de oudere generatie als de allergrootste uit de geschiedenis van de televisie en het theater.

9. Manuel Fangio. Ik vind sportmensen sowieso al weinig op hun plaats in dit soort lijstjes, laat staan iemand die groot is geworden in een tijdverdrijf dat nauwelijks als sport kan worden aanzien: autorijden. Fangio is één van de grote namen uit de geschiedenis van de Formule 1 en werd maar liefst vijf maal wereldkampioen.

8. Roberto Fontanarosa. Een schrijver en tekenaar die – daarover was het panel het roerend eens – in het lijstje terechtgekomen is omdat hij toevallig twee weken geleden overleed en dus recent volop in de aandacht stond. Fontanarosa was vooral bekend omwille van zijn cartoons in Clarín, de grootste Argentijnse krant. Een Argentijnse ZAK, die echter zo populair was dat hij uiteindelijk in de top 10 terechtkwam.

7. Manuel Belgrano. Vanaf nu komen de serieuze namen. Belgrano is één van de belangrijkste figuren uit de onafhankelijksstrijd van Argentinië. Hij won meerdere veldslagen tegen het Spaanse leger, ging na de onafhankelijkheid werken als woordvoerder van de eerste regering en stichtte de eerste Argentijnse krant. Belgrano wordt echter vooral herinnerd als de bedenker van de Argentijnse vlag en is ook geliefd omdat hij de beloning die hij ontving voor zijn rol in de onafhankelijksstrijd gebruikte om vier scholen op te richten. Mede daardoor stierf Belgrano in armoede.

6. René Favaloro. Nee, ik had er ook nog nooit van gehoord, maar de man heeft wel de ‘bypass’ uitgevonden en dus een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de geneeskunde. Favaloro maakte er bovendien een punt van om ook de allerarmsten van een ‘bypass’ te voorzien zonder dat ze daarvoor hoefden te betalen. Een man met een goed hart, kortom. En met een tragisch levenseinde, wat ook altijd helpt om in dit soort lijstjes terecht te komen. Enkele jaren geleden pleegde hij immers om onduidelijke redenen zelfmoord.

5. Jorge Luis Borges. De grootste Argentijnse schrijver en volgens sommigen zelfs de grootste schrijver uit het Spaanse taalgebied. Hoewel hij jarenlang op de nominatielijst prijkte, kreeg hij nooit de Nobelprijs. Maar toch wordt hij binnen de literaire wereld als één van de allergrootsten gezien. Heel hoog wil ik hem echter niet plaatsen. Borges was immers een behoorlijke rechtse klootzak en bovendien heb ik verhalen van zijn hand gelezen. Hmm, niet echt mijn ding.

4. Evita Peron. Je kan er nu voor of tegen zijn, maar niemand kan ontkennen dat Evita tot de allergrootste figuren behoort uit de geschiedenis van dit land. Weinig mensen hebben 55 jaar na hun dood nog steeds zo’n impact als zij. Haar beeltenis is overal te zien en velen vereren Evita als een heilige. Evita was een weinig bekende actrice toen ze met Juan Peron trouwde, een kolonel die het kort daarna tot president schopte. Als First Lady ontpopte Evita zich als een voorvechter van de rechten van vrouwen en armen. Onder haar impuls kregen vrouwen stemrecht en werd er een soort sociale zekerheidsstelsel gecreëerd. Ze kreeg echter kanker en overleed op 33-jarige leeftijd. Sindsdien is Evita een mythologische figuur in Argentinië. De allergrootste kan ze echter niet zijn. Daarvoor was ze te conservatief en hield ze te veel van het autoritarisme van haar man, die de top 10 verrassend genoeg niet haalde. Ook het feit dat de Perons hele hopen gevluchte nazi’s onderdak gaven, moet punten kosten.

3. Diego Maradona. Ok, sportmensen horen niet thuis in dergelijke lijstjes, maar het gaat dan ook om iemand die de sport overstijgt. De enige levende uit het lijstje, hoewel hij al meermaals dood is verklaard. Dit jaar nog werd het bericht verspreid dat Maradona zijn laatste uren meemaakte. Opnieuw voorbarig. Bovendien is Maradona een figuur die in Argentinië en ver daarbuiten nooit zal doodgaan. Welke onzin hij ook uitkraamt of welke pillen hij ook slikt, aan Maradona wordt niet geraakt. Niemand heeft de Argentijnen zoveel collectief geluk bezorgd als hij en zijn kansen om deze verkiezing te winnen zijn zeer groot. Het zou me niet eens storen, ook al is het ‘maar’ een voetballer. Hij staat ook op goede voet met Fidel Castro en Hugo Chavez. Het kan erger…

2. José de San Martin. Een andere kanshebber op de titel. San Martin is dé held van Argentinië, de man die zomaar eventjes drie landen bevrijd heeft van de Spaanse kolonisator. Want nadat San Martin, samen met Belgrano, de Spanjaarden in de pan had gehakt in Argentinië, deed hij dat nog eens over in Chili en Peru. Dat maakt van San Martin, samen met Bolivar, de grote bevrijder van het Zuid-Amerikaanse continent. Geen stad in Argentinië die op haar hoofdplein geen monument heeft staan ter ere van San Martin. Als een dorp slechts uit één straat bestaat, hoeft u niet te twijfelen aan de naam van die straat. En elke provincie heeft wel minstens één dorp dat zijn naam draagt. Toen de Argentijnen na de onafhankelijkheid echter onder elkaar begonnen te vechten, verliet San Martin ontgoocheld het land. Hij verbleef een tijd in Brussel en stierf uiteindelijk in Boulogne-sur-Mer.

Maar de allergrootste Argentijn is uiteraard:

1. Erneste ‘Che’ Guevara. Allemaal goed en wel, maar slechts één Argentijn heeft een vaste plaats veroverd in de wereldgeschiedenis én op t-shirts, stickers, boekentassen, posters en allerhande van al wie het hart op de juiste plaats heeft. Links, zoals iedereen weet. Hoewel hij vooral buiten Argentinië strijd voerde, bleef Che altijd een echte Argentijn. Hij zei ooit: ‘In Mexico voel ik me Mexicaan, in Peru voel ik me Peruaan en uiteraard voel ik me Cubaan, hier in Cuba. Maar Argentijn voel ik me waar ik ook ben.” Het is dit jaar precies 40 jaar geleden dat Che in de Boliviaanse jungle werd geëxecuteerd. Misschien helpt die verjaardag hem wel om een titel binnen te halen die eigenlijk alleen hij verdient. Niet dat het hem ook maar een moer zou kunnen schelen, natuurlijk.

Wie het ook wordt, het is alleszins beter dan Pater Damiaan…

27.8.07

Cristina

Ze doet het! Er werd al maanden over gespeculeerd, alle opties werden overwogen en het leek in de sterren geschreven. Maar nu weten we het zeker. Cristina wordt over twee maanden de volgende president van Argentinië. Tenminste, dat zal ze proberen en zonder ongelukken zal ze daar ook in slagen. Na Evita wordt Cristina de tweede figuur die de politieke geschiedenis van Argentinië betreedt zonder achternaam. Maar daar waar Evita zo’n 60 jaar geleden nog genoegen moest nemen met een officieuze politieke rol (ze mocht zich nooit officieel kandidaat stellen voor een politiek ambt, al wou ze maar al te graag), gaat Cristina voor het allerhoogste. En voor wie Cristina nog niet kent: op dit moment is zij nog de First Lady van Argentinië, de echtgenote van president Kirchner, met wie ze over enkele maanden van job hoopt te ruilen.

Echtgenoot Nestor heeft er slechts één termijn op zitten en kan zich dus herverkiesbaar stellen, maar Nestor weet hoe wispelturig de Argentijnen zijn. Het aantal politici dat zich herhaaldelijk met succes aan de kiezer presenteerde is op één hand te tellen. Argentijnen keren zich zo snel af van hun presidenten dat ze doorgaans het einde van hun mandaat niet halen. En hoewel Nestor tijdens zijn presidentschap een populariteit verwierf die velen van zijn voorgangers hem zouden benijden, treedt de laatste maanden een soort Kirchner-moeheid op. Vooral in het immer ongeduldige Buenos Aires heeft Nestor zijn beste tijd wel gehad en snakt men naar verandering. Bovendien beginnen een aantal recent aan het licht gekomen corruptieschandalen het imago van Nestor aan te tasten. Gelukkig bestaat er voor elk probleem een oplossing en dus mag Cristina (die zich zonder achternaam profileert) de ring in.

Cristina is overigens niet zomaar de eerste de beste. Ze is al langer actief in de nationale politiek dan haar man. Terwijl Nestor gouverneurtje speelde in Patagonië, was Cristina volksvertegenwoordiger en senator in het nationale parlement. En hoewel Cristina officieel geen deel uitmaakt van de regering, is ze één van de belangrijkste en machtigste figuren binnen die regering en is ze er altijd bij als er belangrijke beslissingen worden genomen. Cristina is een First Lady met de hersenen en de ambitie van een Hilary Clinton en de stijl en elegantie van een Jackie Kennedy. Terwijl een andere presidentskandidaat zijn campagne lanceerde door van het noorden naar het zuiden van Argentinië te reizen (een “symbolische omhelzing” van het land, heet dat dan), reisde Cristina naar Madrid om te shoppen en bij de Spaanse koning op de koffie te gaan. Bovendien is het een publiek geheim dat Cristina’s uiterlijk al een tijdje niet meer geheel ‘naturel’ is. Cristina is ‘beauty and brains’ en scoort dan ook zonder moeite hoog in de opiniepeilingen.

Nu ja, de tegenstand is dan ook niet veel soeps. Neem nu Roberto Lavagna, een econoom die in volle financiële crisis minister werd en het land van het bankroet redde. Lavagna wordt door iedereen wel gerespecteerd als econoom, maar heeft het charisma van een Jo Vandeurzen en een schrijnend gebrek aan ideeën over niet-economische thema’s. Anders is het met Elisa Carrió: charisma (en gewicht) te over. Carrió neemt nooit een blad voor de mond en spreekt regeringsleden doorgaans aan als criminelen (helaas blijkt ze dat achteraf vaak terecht te hebben gedaan). Ze ligt dan ook goed in Buenos Aires, waar schelden op elkaar een ‘way of life’ is, maar voor het wat timidere binnenland is Elisa té grof, zodat ze tegenwoordig wat gematigder is geworden, waardoor veel van haar aantrekkingskracht verloren gaat. Ricardo Lopez Murphy is een andere kandidaat. Ook hij was minister voor economie tot hij – na drie weken dienst – zijn plan lanceerde om Argentinië te redden: gewoon geen geld meer uitgeven. Dag universiteit, dag hospitalen, maar uiteindelijk was het dag Lopez Murphy. En bijna deed ook de eeuwige Carlos Menem nog eens mee. Die was al eens twee keer president, roofde alles wat er te roven was, leefde een tijdje in Chili op de vlucht voor de Argentijnse justitie, maar kreeg amnestie en blijft ondanks zijn hoge leeftijd maar kandidaren voor politieke functies, met een dergelijk dalend succes dat Carlos er deze keer toch maar niet aan begint. En aan de kleine linkerzijde treffen we Pino Solanas aan, ex-parlementslid, gevierd filmregisseur en geregeld slachtoffer van aanslagen. Pino maakt er immers een goede gewoonte tegen zowat elke scheen te schoppen die hij op zijn pad vindt en dat wordt hem zelden in dank genomen. Hoewel Pino de man is die het allicht het beste voorheeft met dit land, zijn zijn kansen op de overwinning onbestaande.

Nee, het wordt een makkie voor Cristina, die zich op de dag van mijn verjaardag allicht verkozen ziet tot tweede vrouwelijke presidente in de geschiedenis van Argentinië. Hopelijk wacht haar een beter lot dan haar voorgangster Isabel Peron, afgezet door de militaire dictatuur en nu vervolgd door de Argentijnse justitie en onder huisarrest wonend in Spanje. Tja, ik zei het al, Argentijnen keren zich snel af van hun presidenten…

13.8.07

El Incendio

Het is weer eens wat anders. Zaterdagavond thuiskomen van een avondje uit en voor je voordeur een brandende auto aantreffen... Moet kunnen! Gelukkig had ik de camera bij de hand en kon ik alles filmen. In deel 1: de brandende auto, in deel 2: de brandweer komt aan. Ja, ook Buenos Aires heeft een brandweer.




6.8.07

Colonia

Al lang had ik zin om eens een uitstapje te maken naar Colonia, een oud koloniaal stadje aan de andere kant van de oever van de Rio de la Plata. Slechts een boottochtje verwijderd dus. Colonia is één van de best bewaarde koloniale stadjes in heel Zuid-Amerika en uitgeroepen tot UNESCO-werelderfgoed. Daarnaast is het dé plaats bij uitstek waar buitenlanders hun toeristenvisum vernieuwen. Elke drie maanden een dagje naar Colonia, in Uruguay, en meer hoef je niet te doen om ‘in regel’ te zijn. Door eerdere reizen naar Montevideo, Chili en België had ik de klassieke visumtrip nog niet moeten doen, maar omdat het alweer bijna drie maanden geleden is dat ik in België was en ik voorlopig geen andere reisplannen heb, was het eindelijk zover.

In gezelschap van Patricio, zijn moeder Olga, zijn zus Dani en haar vriend Cristian zouden we zondagmorgen de ferry nemen naar Colonia voor een daguitstap. Ik zeg wel ‘zouden’, want helaas liep het met Olga grondig mis. Olga’s identiteitsbewijs bevindt zich in een zeer slechte staat en is dringend aan vernieuwing toe. Aangekomen in de busterminal kreeg Olga dan ook te horen dat ze niet op de boot kon. Een flinke domper op de reisvreugde, maar aangezien wij onze ticketten niet konden omruilen stond Olga erop dat we toch gingen, op voorwaarde dat we haar de volgende keer (nadat ze haar identiteitsbewijs heeft vernieuwd) alsnog meenemen. Dat is bij deze beloofd!

Het historische centrum van Colonia is inderdaad charmant en pittoresk: kasseistraatjes, oude huizen, een vuurtoren, een oud fort, wat ruïnes hier en daar, en vooral veel leuke restaurantjes en souvenirwinkeltjes. Colonia leeft immers van het toerisme. Het is er erg klein, dus een daguitstap volstaat ruimschoots om alles te zien. En in de zomer, wanneer het niet koud en grijs is zoals gisteren, moet het er nog veel aangenamer zijn. Op het Olga-incident na, was het dus een geslaagde dag: lekker gegeten, veel rondgewandeld, leuk gekaart tijdens de boottocht en vreselijk veel foto’s getrokken. Voor een selectie van de foto’s, klik hier.

1.8.07

Fotos

Ik ben nu twee maanden terug in Argentinië en heb een aantal foto's op het net gezet van de laatste twee maanden.
Klik hier.

30.7.07

El Examen

Kuifje in Argentinië! Op zoek naar nieuwe verhalen voor mijn weblog ging ik donderdag op een vreemde uitnodiging in: meegaan naar een examen psychologie. Eén van mijn Argentijnse vrienden, Jimena, studeert immers psychologie en zou donderdag haar laatste examen afleggen. Als ze zou slagen, dan was het afgelopen en kon ze zich eindelijk licentiate in de psychologie noemen. Bij zo’n gelegenheden is het blijkbaar gebruikelijk dat je naasten meekomen naar het examen zodat je meteen na afloop kan beginnen vieren. Meteen een goede kans om het universitaire leven van Buenos Aires wat beter te leren kennen. En al snel bleek dat een examen afleggen in België toch heel wat anders verloopt.

De Universidad de Buenos Aires (UBA) is met meer dan 300.000 studenten één van de grootste universiteiten ter wereld. Het is dan ook logisch dat de zaken er iets chaotischer verlopen dan aan de Universiteit Gent, die minder studenten heeft dan de kleinste faculteit van de UBA. De gebouwen van de UBA liggen verspreid over de hele stad. Zoals in Gent, maar met dat verschil dat in Gent elke faculteit tenminste een eigen plek heeft. Hier heeft elke faculteit minstens twee zetels, bij voorkeur elk aan de andere kant van de stad, zodat studenten uren pendelen tussen twee lessen door.

Donderdagochtend begaf ik mij dus naar één van de zetels van de faculteit psychologie om het eindexamen van Jimena live te kunnen meemaken. Ook twee andere vrienden en haar ouders waren van de partij. Persoonlijk zou ik liever geen achterban meesleuren naar een examen, maar hier is dat meer de gewoonte. Doordat het verkeer hier een nachtmerrie is, kwam ik maar net op tijd aan. Via sms was ik op de hoogte gebracht van het feit dat Jime net was binnengegaan en dat de mondelinge ondervraging dus begonnen was.

Rustig bij de prof binnengaan en in een stille omgeving de vragen beantwoorden is er hier niet bij. Het mondeling examen vindt plaats in een zaal waar een tiental ondervragers (proffen en assistenten) tegelijk aan het werk zijn. Continu gaan mensen binnen en buiten, worden namen afgeroepen en overal rondom jou hoor je vragen en antwoorden. Als je naam wordt afgeroepen dan ga je naar binnen en ga je naar de ondervrager die op dat moment vrij is. Als je niet tevreden bent over het examen, dan kan je onmiddellijk een tweede kans eisen bij een andere ondervrager. Een wat domme regel, want wie een beetje solidair is zal toch nooit iemand laten slagen die zich ontevreden toont over één van zijn collega’s. Als ik een student voor mij zou krijgen die via een klacht – bijvoorbeeld tegen Mieke – stante pede een nieuw examen heeft afgedwongen, dan heeft die student bij mij alvast geen schijn van kans.

Ik arriveerde net op tijd om een beteuterde Jimena te zien buitenkomen. Het was niet goed verlopen, omdat de ondervrager haar vragen had gesteld over teksten die in de lessen niet aan bod waren gekomen en die Jime dan ook niet had gestudeerd. Teleurgesteld en nerveus had ze meteen gebruik gemaakt van de regel om een tweede kans af te dwingen. Niet verstandig en dat had Jime wel door eens ze het lokaal had verlaten, wachtend tot een nieuwe ondervrager vrijkwam. Als tweede kans kreeg Jime de titularis van het vak toegewezen, een forse dame die haar met norse blik binnenriep. Uiteraard hadden de beide ondervragers eerst even met elkaar overlegd en de nieuwe ondervrager legde Jimena dan ook precies dezelfde vragen voor maar dan wel op een stuk minder vriendelijke manier. Pech voor Jime dus, vooral omdat ze vroeg of laat opnieuw examen moet afleggen bij dezelfde personen. Vier kansen per jaar krijgen ze hier om een examen af te leggen. Hopelijk lukt het in september wel. Maar voorlopig blijft Jimena één examen verwijderd van een diploma.

16.7.07

Catalina






Vorige week was het weer feest bij de familie Perez. De jongste telg van de familie, Catalina, werd immers twee jaar en naar aanleiding daarvan werden familie en vrienden verzameld in een feestzaal. De kleine Cata poseert maar wat graag voor foto's en dus heb ik al een hele reeks. Ik publiceer er hier een paar in chronologische volgorde en voeg er ook een videootje bij van het 'moment suprême' van het feestje: het uitblazen van de kaars!