23.3.07

La Embajada

Het is alweer veel te lang geleden dat ik nog iets op mijn weblog heb gezet. Maar dat is allemaal de schuld van Ilse die het mij hier zo aangenaam en leuk maakte dat ik prompt geen tijd meer had om te schrijven. Maar omdat mooie liedjes slechts een week of zes duren, is Ilse inmiddels weer op weg naar huis en roept de weblog om aandacht.

Toevallig heb ik ook net iets om te vertellen. Gisteren was ik immers te gast op de Belgische ambassade in Buenos Aires. Dat kwam zo. Enige tijd geleden mailde ik de ambassade met een vraagje over Nederlandse lessen in de stad. Volgens de website van de ambassade werden die immers wel georganiseerd, maar voor de rest was de informatie onduidelijk. Temeer daar de website duidelijk al een tijd niet meer geactualiseerd is. Ter illustratie: wanneer de site het heeft over sport in België worden de triomfen bezongen van onze fantastische tennisdame… Dominique Monami. De info op de site leek me dus niet al te betrouwbaar, dus stelde ik mijn vraag per mail en merkte ik terloops op – tja, ik kan het niet laten – dat hun website wel wat aandacht kan gebruiken. Prompt kreeg ik een mail terug van de ambassadeur zelve met een uitnodiging om spoedig eens op de ambassade te komen praten over mijn mail. En dus regelde ik telefonisch een afspraak en mocht ik afgelopen donderdag op de koffie komen bij de ambassadeur.

De Belgische ambassade is de meest centraal gelegen ambassade in Buenos Aires en kijkt uit op de Plaza de Mayo, het centrale plein waar ook de president zijn kantoor heeft. Geen enkel ander land zit zo dicht bij het centrum van de Argentijnse macht als België. Als president Kirchner uit zijn raam kijkt, ziet hij de Belgische vlag voor zich wapperen. Daarmee is ook alles gezegd. Het kleine stukje België is gehuisvest op de achtste verdieping van een grijs flatgebouw en voor wie af en toe eens geconcentreerd wil werken is de Plaza de Mayo zowat de slechtst denkbare locatie. Gemiddeld om de twee dagen wordt er gedemonstreerd, betoogd, geschreeuwd, gezongen en allerlei onrecht aangeklaagd. Voor de rest is de Belgische ambassade stijlvol sjiek ingericht, tenminste voor wie voorbij het loket geraakt. Een foto van Albert en Paola aan de muur, koffietafelboeken over het Koninklijk Paleis in Laken, een wandtapijt aan de muur en het meubilair in typisch Vlaamse eik.

De ambassadeur zelf ontvangt mij bijzonder hartelijk en nodigt mij uit om in de leren fauteuil een koffie met hem te drinken. Vanuit het Waasland trok hij in zijn jonge jaren naar Gent om er aan de universiteit rechten te studeren, wat al meteen een band schiep tussen ons en voor hem een goede gelegenheid was om wat straffe studentenverhalen te vertellen. Naast de universiteit was ook voetbal een gespreksonderwerp waarover de ambassadeur behoorlijk wat bomen kan opzetten. Een voorlopig hoogtepunt in zijn diplomatieke carrière moet dan ook geweest zijn dat hij ambassadeur in Korea was toen daar de wereldbeker voetbal werd georganiseerd en hij verschillende wedstrijden kon bijwonen. Het harde leven van een ambassadeur…

Uiteindelijk komt ook mijn mail ter sprake en bevestigt de ambassadeur mijn vermoeden dat niemand echt naar de website omkijkt. Altijd hetzelfde liedje: te weinig personeel en te veel werk. Gadegeslagen door de koninklijke familie voel ik dan ook een plotse vlaag van vaderlandsliefde opkomen en voor ik het goed en wel besef ben ik vrijwilliger om teksten te schrijven voor de vernieuwde website van de Belgische ambassade in Buenos Aires. We wisselen elkaars gegevens uit (hij geeft mij zijn visitekaartje, ik schrijf mijn adres en telefoonnummer op een verfrommeld stukje papier) en spreken af elkaar spoedig opnieuw te ontmoeten, samen met zijn chauffeur die technisch onderlegd is. Ondertussen kan ik al beginnen schrijven over Kim Clijsters en Justine Henin.

Als iemand suggesties heeft over wat Argentijnen zeker moeten weten over België, dan zijn ze zeker welkom.

7.3.07

Saint Catherine’s Moorlands

Je zal in Argentinië weinig scholen vinden die sjieker zijn dan Saint Catherine’s Moorlands. Erg Argentijns klinkt het al niet, en inderdaad, het heeft meer weg van een Engelse elite-school als Eton dan van het lawaaierige kot voor mijn deur met de kapotte bel, dat moet doorgaan voor een school. Moorlands is dan ook een speciaal geval. Opgericht door een Engelse met een titel is het een tweetalige school, waar leerlingen de ene helft van de dag onderricht worden in het Spaans, en de andere helft in het Engels. De meisjes brengen de ochtend in het Spaans door, de jongens in het Engels. En omgekeerd. Pas als ze 15 jaar zijn (nadat de ‘moeilijkste periode’ achter de rug is), worden beide geslachten met elkaar gemengd. Moorlands is een school met geld, veel geld. De nieuwste aanwinst van de school is immers… (hou u vast) … de straat. Ja, onlangs kocht de school een stuk van de straat en nu sluit ze die straat af, zodat niemand er nog zomaar binnen- of buitenkan. Wie zijn kinderen naar Moorlands wil sturen moet er uiteraard voor betalen. En nog geen klein beetje. Moorlands investeert in de school, de sportinfrastructuur, het materiaal en de leraars. Want ja, alleen de besten mogen voor Moorlands werken en worden er ook dik voor betaald. Niet moeilijk dus dat zowat de helft van het Argentijnse lerarenkorps voor een school als Moorlands wil werken. Weg van de overvolle klasjes, gebrekkige infrastructuur en armoedig loon. Maar Moorlands heeft een duidelijk personeelsbeleid: er wordt nooit geadverteerd en je geraakt er enkel in als je iemand kent en geluk hebt.

Eén van de vele leraars van Moorlands is Jorgelina Perez. Jorgelina werkt in de Spaanse afdeling, basisonderwijs en geeft daar wiskunde. Bovendien is Jorgelina de nicht van Patricio en stelde ze me op een dag voor om eens te gaan luisteren of ik geen job kan krijgen bij Moorlands. Uitstekend idee, maar ik kan natuurlijk niet zomaar naar Moorlands gaan en hopen dat de bazen tijd hebben om eens naar die vreemde Belg te luisteren. Gelukkig was er net een vacature vrij… voor receptionist, een functie die Moorlands erg serieus neemt en waar de absolute top zich mee bemoeit. Om binnen te geraken moest ik dus officieel solliciteren voor die job en dan zien we wel. Uiteraard ben ik de slechts denkbare receptionist voor een dergelijke school. Ik haat telefoneren en mijn telefoonspaans heeft echt nog wel wat oefening nodig. Interesse noch kans voor de job, maar op die manier toch binnengeraakt bij Moorlands.

Eens aangekomen op het gigantische domein van de school, een half uur buiten Buenos Aires, tussen de velden, ontmoet ik er hoofd van de administratie. Een aangename dame die al snel in de mot heeft dat ik helemaal niet in aanmerking kom voor de job, maar mij niettemin helemaal inlicht over de school. We zijn één grote familie, zegt ze elke keer. En ik moet zeggen, voor een eliteschool gaat het er vrij ‘normaal’ aan toe. Ik voelde er me – in t-shirt en jeans – behoorlijk op mijn plaats. Geen gedoe. Na een halfuurtje gezellig gekletst te hebben, word ik eindelijk binnengeloodst in het statige kantoor van de twee bazen van Saint Catherine’s Moorlands. Twee oude dametjes van rond de 70 in couturepakjes. De ene een Engelse – dochter van de stichteres – en de andere (de sjiekste) een Argentijnse. In een mengeling van Spaans en Engels word ik aangesproken en wordt mijn leven tot nu toe ontleed. Mijn cv wordt er bijgehaald en als ‘interesting’ gecatalogeerd. De job als receptionist wordt snel vergeten (oef!), maar de omaatjes zijn toch onder de indruk en willen mij graag opnemen in de Moorlands familie. Meteen wordt rondgebeld naar verschillende afdelingshoofden om te zien waar er plaats is voor mij. Engels? Geen plaats. Frans? Geen plaats. Tot plots een andere sjieke dame verschijnt om met mij te praten over de mogelijkheid om informatica te geven. Daar is blijkbaar wel plaats. Snel komen we echter beiden tot de conclusie dat ik niet geschikt ben om webdesign en dergelijke te geven.

Ik keer dus terug zonder job, maar de Ladies hebben wel mijn gegevens nauwgezet opgeschreven en van zodra er een plaats vrijkomt in één van de taalafdelingen, zal ik worden verwittigd. Volgens Jorgelina betekent dat dat ze wel degelijk onder de indruk waren, anders hadden ze me snel weer op (hun) straat gegooid. Afwachten dus, maar zelfs het bezoekje aan Moorlands was al de moeite waard. Weer een nieuwe kant van Argentinië ontdekt.