30.12.06

Los Precios

Voor potentiële bezoekers of mensen die zich zorgen maken over mijn financiële toestand, ziehier een lijstje met (gemiddelde) prijzen van een aantal producten.

Een liter melk: 1,50 pesos (40 eurocent)
Een pizza voor twee personen: 12 pesos (3 euro)
De huur voor een 2-persoonsappartement in één van de beste buurten: 700 pesos (175 euro)
Een metroticket: 0,70 pesos (20 eurocent)
Een ijsje: 2,50 pesos (60 eurocent)
Een éénpersoonsmaker met badkamer in een hotel in het stadscentrum: 60 pesos (15 euro)
Een koffie in een café: 2,80 pesos (70 eurocent)
Een treinticket naar Tigre: 0,50 pesos (15 eurocent)
Een grote fles cola: 2,80 pesos (70 eurocent)
De rekening voor het water (per maand): 11 pesos (3 euro)
Kip met frieten en een grote fles bier: 12 pesos (3 euro)
Een heen- en terugreis naar Mar del Plata: 90 pesos (22 euro)
Een cinematicket: 6 pesos (1,5 euro)
De breedbandverbinding (per maand): 20 pesos (5 euro)
Een empanada: 1,50 pesos (40 eurocent)
Página/12 (mijn krant): 1,70 pesos (45 eurocent)
Een staanplaats voor de voetbal: 14 pesos (3,5 euro)
Een cd: 25 pesos (6 euro)
Toegangskaartje voor een discotheek (alle consumpties inbegrepen): 30 pesos (7,5 euro)
De wasserette (per week, wassen en drogen, afgeven en ophalen): 10 pesos (2,5 euro)
Een paar schoenen (Converse All Stars): 80 pesos (20 euro)

Om maar te zeggen dat (bijna) alles hier een stuk goedkoper is en ik nog geen eurocent van mijn spaargeld heb opgebruikt. Wat ik terug heb gekregen als waarborg voor het huis dat ik huurde in België is bijvoorbeeld voldoende om 4 maanden comfortabel van te leven zonder te moeten werken. Tel daarbij mijn salaris (10 pesos of 2,5 euro per uur privé-les) en het mag duidelijk zijn dat ik hier voorlopig niets tekortkom.

28.12.06

La Pileta

Buenos Aires, volle zomer, elke dag rond de 30 graden. Gelukkig heb ik vlak voor de deur een sportcomplex, mét een zwembad. Hoog tijd dus om het zwembad eens uit te proberen, dacht ik. In België is het simpel: je zoekt je zwembroek, gaat naar het zwembad, betaalt inkom en een uurtje later ben je er weer uit. Was het maar zo simpel hier.

Om te beginnen moet je lid worden van de club, wat 20 pesos kost, ofwel 5 euro. Bon, geen probleem, ik koop wel een lidkaart. Kan ik dan nu gaan zwemmen? Neen, je moet je voor een maand abonneren: ofwel voor één keer per week (40 pesos), ofwel voor twee keer per week (60 pesos). Kan ik niet gewoon een kaartje voor één beurt kopen? Want zo’n maandabonnement is al een heel engagement. Neen, of de hele maand of niets. En dat is nog niet alles. Of ik wel een medisch attest heb dat ik mag zwemmen? Huh? Voor ik in het zwembad kan worden toegelaten moet ik een briefje hebben van een dokter waarop staat dat de kans dat ik in het zwembad doodval miniem is. En dan ben ik er nog niet. Dan moet ik nog één keer per maand naar de dokter van de club om te zien of ik geen luizen heb, of voetschimmel, of andere gelijkaardige dingen. Maar dan kan ik echt zwemmen? Natuurlijk! Wanneer ik wil? Wel, het zwembad is open van 8 uur ’s morgens tot 23 uur ’s avonds en in principe mag je gaan wanneer je wil. Maar omdat het zomervakantie is, zijn er zwemkampen tussen 9 en 18 uur en tussen 18 en 21 uur zit het zwembad altijd propvol. Maar tussen 8 en 9 en na 21 uur, geen probleem.

Ik ben dus uiteindelijk niet gaan zwemmen en de kans is klein dat het er nog van komt.

26.12.06

La Navidad (2)

Ik ben nooit een grote fan van kerstdag geweest en ik zal het allicht nooit worden. Ondanks de grote culturele en klimatologische verschillen, is kerstdag overal min of meer hetzelfde: je eerst door de menigtes worstelen op zoek naar een geschikt kerstcadeau en dan – op kerstavond – eten tot je erbij neervalt en de verveling die na een paar uren onvermijdelijk toeslaat. Bijna elk jaar slaag ik erin om aan het hele kerstgedoe grotendeels te ontsnappen, al skiënd in Meribel, maar dit jaar was er geen ontkomen aan. Elke suggestie die ik maakte dat ik niet zoveel om kerstdag geef en geen probleem zou hebben om gewoon thuis te blijven, werd door de familie Perez krachtig afgewimpeld. Ik moest en zou met hen vieren.


Maar eerst moest er nog gewerkt worden, want ik had toegezegd van 40 empanada’s te maken voor het feest. Het grootste deel van de dag bracht ik dus door in de keuken, waar de oven op volle toeren draaide. En het was sowieso al 30 graden. Daarna naar Olga’s huis, waar ze mij vroeg om een foto te nemen van haar mooi versierde kerstboom en waar haar broer Tio (nonkel) Nene en Eli ons opwachtten om ons naar de quinta in Pilar (op zo’n 40 kilometer van Buenos Aires) te voeren. En dan maar boefen met een stuk van de grote familie: Olga met al haar kinderen en kleinkinderen, haar broer Nene met zijn zoon, haar tweelingbroer Julio met zijn gezin en Romulo, een nonkel van Eli, met zijn gezin. Alleen de kinderen kregen bijna geen hap door de keel, ongeduldig wachtend op de kerstman die om middernacht zou verschijnen. Vooral Mica (foto) vroeg zowat elke 5 minuten hoe laat het was en werd bijna gek van ongeduld.



Haar wachten werd gelukkig beloond, want om middernacht verscheen inderdaad de kerstman, geladen met vele zakken vol cadeautjes, waarvan toch een aantal voor mij: vooral t-shirts, want dat geven zowat alle volwassenen aan elkaar. Niet te duur (zo’n 5 euro) en gemakkelijk om te ruilen als het niet bevalt. En na het uitdelen van de cadeau’s en het uitwuiven van de kerstman, werd er volop drank uitgedeeld om te toosten op kerstdag. Vooral schuimwijn, al dan niet met een bolletje citroenijs, en cider. Daarna werden nog wat papieren heteluchtballons opgelaten (foto), sommige met boodschappen op van de kinderen, maar dan sloeg het noodlot toch een beetje toe. Het begon te regenen en het feestje viel wat in het water. De enige activiteit die nog overbleef was het spelen van ‘truco’, een kaartspel dat hopeloos ingewikkeld is en ik dus nog niet onder de knie heb.





En dan begon de verveling natuurlijk toe te slaan. De ene helft van het gezelschap was aan het indommelen, de andere helft was truco aan het spelen, en ik zat er zowat tussenin. Ik was dus enigszins opgelucht toen Eli ons (Olga, Patricio en ik) naar huis voerde na alweer bevestiging te hebben gekregen dat kerstdag toch niet echt mijn ding is.

Meer foto’s van het kerstfeest op mijn Picasa-webalbum:
http://picasaweb.google.be/tomascoppens/

23.12.06

La Navidad

Na al die jaren kerstdag te hebben doorgebracht in koude, sneeuw en bergen, tussen skilatten en warme wijn, wordt het dit jaar iets helemaal anders: de zon, het platteland rond Buenos Aires, een zwembad, t-shirt en korte broek, barbecue, nougat en cider.

Mijn zondag zal er als volgt uitzien. Overdag zal ik druk bezig zijn met het maken van empanada’s. De afspraak is immers dat iedereen iets meebrengt om te eten of te drinken naar de quinta van Mariano waar het feest plaatsvindt. Ik maak hopen empanada’s met kip en tonijn. Niet dat het echt nodig zal zijn, want er zal al meer dan genoeg eten zijn, maar ik kan moeilijk met lege handen gaan. Dus ik breng de zondag grotendeels in de keuken door. Rond zeven uur ’s avonds ga ik dan Olga oppikken op haar werk, ze werkt slechts een paar blokken van hier. Geladen met de empanada’s en cadeautjes nemen we een taxi naar haar huis in Boulogne, waar schoondochter Eli ons zal oppikken met de auto en ons naar de quinta in Pilar zal voeren. Daar zal al een hoop volk (we zullen in totaal met 22 zijn) op ons zitten te wachten en begint een feestijn van eten en drinken. Klokslag 24 uur verschijnt dan de Kerstman (het lief van Dani heeft zich opgeofferd) om cadeautjes uit te delen, waarna het feest wordt verdergezet.

Dat is het plan, de theorie. Hoe het allemaal uitdraait, volgt, met foto’s en al.

Vrolijk kerstfeest voor iedereen.

20.12.06

Manuela Pedraza

Ik heb altijd in straten gewoond met mooie namen: de Lusthoflaan, de Goudensterstraat. En hier in Buenos Aires woon ik in een straat die de naam draagt van een vrouw, Manuela Pedraza. Na wat googlen weet ik inmiddels wie die Manuela is. Manuela Pedraza is een vrouw die zo’n 200 jaar geleden verwikkeld geraakte in een oorlogje en zich daarbij zeer heldhaftig toonde.

Manuela kwam oorspronkelijk uit Tucumán, een provincie uit het Noordwesten van Argentinië, maar kwam naar Buenos Aires en trouwde er. Toen de Engelsen Buenos Aires binnenvielen in de eerste jaren van de 19de eeuw, in de hoop zo de kolonie aan het verzwakte Spanje te ontfutselen, doodde één van de Engelse soldaten de man van Manuela voor haar ogen. In een vlaag van razernij zocht en vond Manuela een pistool en schoot op haar beurt de Engelsman neer. Ze sloot zich aan bij de Spaans-Argentijnse troepen en schopte het tot luitenant. Toen de Engelsen uiteindelijk verjaagd werden, werd Manuela door de Spaanse vice-koning genoemd als een cruciale figuur in de overwinning. Daarna hernam Manuela Pedraza weer haar oude leven en werd ze snel vergeten. Niemand weet hoe het precies verder met haar is vergaan of waar en wanneer ze is gestorven, wel dat ze in armoede zou gestorven zijn. Pas veel later werd de rol van Manuela Pedraza herontdekt en werd deze straat naar haar genoemd.


Zoals jullie kunnen zien op de foto’s is Manuela Pedraza een vrij rustige straat met veel bomen en weinig hoogbouw. In de verte op de foto zien jullie het gebouw waar ik woon, één van de weinige flatgebouwen.

Het gebouw telt acht verdiepingen, waarvan wij op de zesde wonen. Op de foto de inkom.




Op de hoek van de straat een buurtcafé: enkel open overdag en ik heb er voorlopig alleen nog maar bejaarde mannen gezien.



Op een andere hoek een aantal kleine winkeltjes.



Vijftig meter verder is het stadsbestuur een parkje aan het heraanleggen, dat bijna af lijkt te zijn. Al weet je hier nooit…

Las Fotos

Het is alweer een tijdje geleden dat ik nog iets heb gepubliceerd op mijn weblog. Daar komt binnenkort echter verandering in. Sinds een paar dagen heb ik breedbandverbinding en gaat het allemaal wat makkelijker. Ondertussen kunnen jullie alvast wat extra foto's bekijken. Omdat ik niet al te veel foto's kan publiceren op de blog, heb ik een apart foto-album gemaakt van foto's uit de twee maanden dat ik hier al ben. Het foto-album is te vinden op:
Voor wie ondertussen de draad kwijt is van wie wie is, ziehier nog een kleine spoedcursus. De familie Perez bestaat uit Patricio, moeder Olga, vader Oswaldo (die in Mar del Plata leeft met zijn tweede vrouw en hun twee dochters Mica en Guada), zuster Dani, broer Mariano (die getrouwd is met Eli en twee kinderen heeft, Mica en Cata) en een hoop tantes, nonkels, neven en nichten van wie voor de foto's alleen Jo en Paula (twee nichten) belangrijk zijn. Jime, Carli en Silvi zijn de belangrijkste vrienden van Patricio, van in de tijd dat ze samen naar school gingen. Clyde is de hond van een Amerikaanse vriend die hier ook in Buenos Aires woont. Vanessa is de beste vriendin van Dani. Daarmee moeten jullie iedereen op de foto's kunnen duiden.
Aandachtige lezers zullen ook een aantal kleine veranderingen opmerken aan de weblog, zoals de mogelijkheid om commentaren achter te laten. Interactiviteit, dus!
En tot slot nog een klein Frank Deboosere-moment: het is hier al meer dan een week elke dag 30 graden of meer, met af en toe stevig onweer 's nachts.

7.12.06

Ventajas y Desvantajas

Aan het wonen in Argentinië en in het bijzonder in Buenos Aires zijn – in vergelijking met België en Gent – een aantal voor- en nadelen verbonden. Beginnend met het goede nieuws: de voordelen.

Eén van de grootste voordelen hier is het feit dat werkelijk alles aan huis kan worden besteld. Pizza’s aan huis bezorgen, dat kennen we, maar voor de rest moet je in België de deur uit als je iets wilt. Hier kan je dagenlang thuis opgesloten zitten en toch alle dagen vers eten hebben. De supermarkt, de groentenwinkel, het restaurant in de buurt, de wasserette,… Allemaal komen ze aan huis en je hoeft er niet eens extra voor te betalen. Zin in een ijsje bijvoorbeeld? Bel de lokale ijsmarchand en een halfuur later heb je het heerlijkste artisanaal bereide roomijs in de smaken van je keuze. En je hoeft alleen je zetel uit te komen om de deur op te doen.

Buenos Aires is echt een ‘city that never sleeps’. Dag en nacht kan je er voor alles terecht. Op elk uur van de dag kan je om het even welke activiteit doen. Wil je op zaterdagavond om 1 uur nog naar de film? Geen probleem. Basisgoederen kan je ook altijd kopen, zonder dat je de torenhoge prijzen van de Belgische nachtwinkels moet betalen. Winkelen op zondag? Waar je maar wilt. En iedereen weet dat je in België al eens verlof moet nemen om dingen te regelen die je enkel kunt regelen tijdens de kantooruren. Hier kan je om 22 uur nog altijd naar de post gaan. En drie keer raden wat niet altijd toegankelijk is, wat zelfs nog slechtere openingsuren heeft dan in België, om 15 uur is het hier al afgelopen met… de bank. Dat is echt iets universeels. Banken zijn nooit open op de momenten waarop ze het meest nodig zijn.

Natuurlijk zijn er ook nadelen verbonden aan het leven hier.

Mijn grootste ergernis, de kwaal waar ik persoonlijk het meest mee geconfronteerd word, is het misbruik dat vele grote en kleine handelaars willen maken van het feit dat je een – volgens hen – rijke buitenlander bent. Uiteraard zijn ook hier – net als overal – de meeste mensen eerlijk, maar helaas is het op voorhand moeilijk uit te maken wie eerlijk is en wie niet. In tegenstelling tot in België wordt in de meeste winkels de prijs van de goederen niet aangegeven. Er is echter altijd een batterij winkelbediendes die je graag helpt bij elke vraag. Helaas is het voor iedereen vrij evident dat ik een buitenlander ben. Hoewel ik veel complimenten krijg over mijn Spaans, zal ik nooit accentloos praten, en mijn lengte alleen al schreeuwt mijn vreemde achtergrond uit. Voor te veel mensen is dat een open kans om een extra centje te verdienen. En als ik de prijs vraag van iets, dan kan ik nooit zeker zijn of ik de werkelijke prijs te horen krijg of de prijs met het extra percentje dat de bediende hoopt te verdienen. We hebben al de proef op de som genomen. Als Patricio en ik dezelfde vraag stellen, dan krijgen we niet altijd dezelfde prijs als antwoord. En – toeval of niet – voor mij zijn sommige producten net iets duurder dan voor Argentijnen. Of ik moet bijbetalen voor een dienst die eigenlijk in de prijs is inbegrepen. Dat soort dingen. En dus heb ik inmiddels regels voor mezelf opgesteld. Als ik alleen ben, dan koop ik nooit in winkels waar prijzen niet duidelijk zijn aangegeven, wat betekent dat ik meestal naar de supermarkt ga. En als de prijs die ze mij opgeven afwijkt van de prijs die geafficheerd staat, dan koop ik niets, wat ze mij ook als uitleg geven. Als ik Argentijnse begeleiding heb, dan laat ik hem of haar de prijs vragen.

Het blijft me verbazen hoe traag sommige dingen hier gaan. Volgens mij is het een regel die bijna altijd opgaat: hoe meer personeel een winkel heeft, hoe trager het gaat. Ik weet niet hoe ze het doen, maar iets betalen aan de kassa duurt altijd zoveel langer dan in België. Nooit hebben ze wisselgeld en moet er iemand komen om het te brengen, kassa’s lijken van slechte kwaliteit te zijn en moeten geregeld herstart worden, of soms hebben ze gewoon geen zin en werken ze liever eerst het praatje met de collega’s af. Klant is koning? Niet altijd! Wisselgeld is een terugkerend probleem. De bankautomaat spuit briefjes van 100 pesos, maar in veel zaken worden ze geweigerd, wegens geen wisselgeld. Als ik grote biljetten heb, dan moet ik naar de supermarkt, één van de weinige plaatsen waar ze wel aanvaard worden (al is het ook daar niet altijd van harte). Als ik een krant wil kopen, dan kan ik niet betalen met een biljet groter dan 10 pesos. Vanmorgen betaalde ik met 5 pesos (nauwelijks meer dan 1 euro en de verkoper vroeg me of ik niets kleiner had, aangezien de krant slechts 1,5 peso kost). Heb ik geen kleine biljetten, dan moet ik eerst ergens iets kopen om kleinere biljetten te krijgen. Soms vervelend, maar ook dat went.

3.12.06

La Cancha

Eerder had ik al het genoegen het WK voetbal te mogen meemaken in een land waar buiten voetbal weinig dingen heilig zijn. Maar een Argentijnse voetbalervaring kan nooit compleet zijn zonder zelf eens naar een match te gaan kijken. De eerste helft van het seizoen is bijna afgelopen, nog één speeldag vóór de zomerstop. Boca Juniors leidt – zoals zo vaak – de competitie en op een bescheiden tiende plaats staat Racing, één van de oudste clubs uit Argentinië én de allereerste wereldkampioen voor clubs, lang geleden. Racing is de club van de familie Perez. Hoewel ze allemaal aan de andere kant van de stad wonen, klopt het Perez-hart voor Racing, de club van de grootvader die in het zuiden van de stad woonde, dicht bij het stadion van Racing. Door de nogal hoge graad van hooliganisme in Argentinië, de laatste weken was dat constant in het nieuws, gaat de familie niet zo vaak meer naar het voetbal. Maar doordat Racing het niet zo heel goed doet dit seizoen en de tegenstander van gisterenavond een bevriende en nog slechter geklasseerde ploeg was (Gimnasio) was er dit keer geen gevaar op geweld. Oudste broer Mariano nam zelfs zijn twee dochtertjes mee (zie foto), volledig uitgerust in de gepaste kleuren: het traditionele lichtblauw en wit, dé kleuren van de nationale ploeg en dus ook van Racing.



Racing is geen echte topclub – maar zeg dat nooit luidop tegen een Perez – en het voetbalstadion is groot (62.000 plaatsen), maar mager uitgerust. Geen groot scherm, zelfs geen scorebord. Je moet zelf de tijd bijhouden om te weten wanneer de 90 minuten bijna om zullen zijn. Maar dat verandert niets aan het enthousiasme van de Racing-fans. De hele wedstrijd wordt er gezongen, geschreeuwd en gesprongen. Voetbalstadia moeten hier behoorlijk stevig zijn. En goals worden minutenlang gevierd. En gelukkig viel er gisterenavond veel te vieren. Nadat Gimnasio eerst op voorsprong kwam dankzij een penalty, werd het uiteindelijk nog 3-1 voor Racing, nadat twee Gimnasio-spelers van het veld werden gestuurd. Feest bij de Racing-fans dus en iedereen gelukkig naar huis (na het traditionele feestmaal van bier en pizza, natuurlijk). Vanaf nu ben ik officieel ook een Racing-fan, en aangezien ze in dezelfde kleuren spelen als AA Gent is dat perfect te verantwoorden.


En voor voetbalfans is mijn appartement een echte hemel op aarde. Want wat zie ik als ik op mijn balkon sta? Juist, een voetbalveld waar plaatselijke ploegjes regelmatig op spelen (zie foto). Constant goeie zitplaatsen voor een voetbalmatch. Ik zal me hier allicht nooit vervelen.