Ik kan weer een land aanvinken in mijn lijstje: Uruguay. Uruguay is vlakbij; als de rivier niet zo breed was, dan zou je het van hieruit kunnen zien. In de haven van Buenos Aires neem je de boot en drie uren later (maar het kan ook sneller als je een andere boot neemt) sta je in Colonia del Sacramiento, het Brugge van Uruguay. Colonia is een stadje in koloniale stijl, half echt en half nagebouwd, dat massa’s toeristen trekt. Ooit kom ik er misschien nog wel eens, maar ik heb het niet zo voor de Brugges van deze wereld, dus nam ik meteen een bus naar hoofdstad Montevideo, op zo’n twee uren rijden.
Mijn eerste indruk van Montevideo was dat het zo anders is dan de meeste andere Zuid-Amerikaanse grootsteden. Ik kwam er maandag rond 19 uur aan en de meeste zaken waren al gesloten, wat voor een halve bonaerense zoals ik al vreemd aandoet. Ook de gebruikelijke verkeerschaos en typische geluiden van Zuid-Amerika kan je in Montevideo nauwelijks onderscheiden. Buenos Aires is een stad die nooit slaapt, Montevideo is een stad die vroeg naar bed gaat. Misschien is het wel anders in het weekend, maar in de week valt er ’s avonds weinig te beleven. Gelukkig had ik mijn fijne hotel, Hotel Arapey, een oud art deco gebouw dat nogal kitscherig is ingericht, maar zeer centraal gelegen en goedkoop.
Dinsdag kon ik dan de hele stad verkennen. Erg groot is Montevideo niet, dus als je de hele dag wat doorstapt, dan heb je de meest interessante dingen wel gezien: de mooie pleinen, de oude stad, de haven, de dijk en het strand. Voor foto’s: klik hier. Helaas was het er vreselijk warm, 35 graden, waardoor het vooral wandelen van terrasje naar terrasje was. In vergelijking met Buenos Aires is Montevideo een stuk duurder, maar het blijft natuurlijk goedkoop naar Europese normen. Een ander verschil is de mate-cultus. Hoewel in Argentinië mate gedronken wordt aan de lopende band, is dat nog niets in vergelijking met Uruguay, waar mensen met de mate in de ene hand en een thermos in de andere op straat lopen. Zelfs in het museum nemen mensen hun mate mee.
Drie dagen zijn genoeg om Montevideo te zien, dus ik was woensdag al blij dat ik terug naar huis kon. Met de boot terug richting Argentinië was er nog een mooie zonsondergang te bewonderen en tegen middernacht lag ik terug in mijn eigen bed.
Mijn eerste indruk van Montevideo was dat het zo anders is dan de meeste andere Zuid-Amerikaanse grootsteden. Ik kwam er maandag rond 19 uur aan en de meeste zaken waren al gesloten, wat voor een halve bonaerense zoals ik al vreemd aandoet. Ook de gebruikelijke verkeerschaos en typische geluiden van Zuid-Amerika kan je in Montevideo nauwelijks onderscheiden. Buenos Aires is een stad die nooit slaapt, Montevideo is een stad die vroeg naar bed gaat. Misschien is het wel anders in het weekend, maar in de week valt er ’s avonds weinig te beleven. Gelukkig had ik mijn fijne hotel, Hotel Arapey, een oud art deco gebouw dat nogal kitscherig is ingericht, maar zeer centraal gelegen en goedkoop.
Dinsdag kon ik dan de hele stad verkennen. Erg groot is Montevideo niet, dus als je de hele dag wat doorstapt, dan heb je de meest interessante dingen wel gezien: de mooie pleinen, de oude stad, de haven, de dijk en het strand. Voor foto’s: klik hier. Helaas was het er vreselijk warm, 35 graden, waardoor het vooral wandelen van terrasje naar terrasje was. In vergelijking met Buenos Aires is Montevideo een stuk duurder, maar het blijft natuurlijk goedkoop naar Europese normen. Een ander verschil is de mate-cultus. Hoewel in Argentinië mate gedronken wordt aan de lopende band, is dat nog niets in vergelijking met Uruguay, waar mensen met de mate in de ene hand en een thermos in de andere op straat lopen. Zelfs in het museum nemen mensen hun mate mee.
Drie dagen zijn genoeg om Montevideo te zien, dus ik was woensdag al blij dat ik terug naar huis kon. Met de boot terug richting Argentinië was er nog een mooie zonsondergang te bewonderen en tegen middernacht lag ik terug in mijn eigen bed.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten